BWBR0002691
Geldig vanaf 1966-01-01
Artikel 13h
Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers
1. Indien het pensioenfonds ABP een verlaging als bedoeld in artikel 134 Pensioenwettoepast op de pensioenaanspraken of de pensioenrechten, verlaagt Onze Minister de in dit hoofdstuk bedoelde pensioenaanspraken en de pensioenen op overeenkomstige wijze.
2. Onze Minister informeert de ministers en de gewezen ministers schriftelijk over zijn voornemen om de pensioenaanspraken of pensioenen te verlagen.
3. De verlaging kan op zijn vroegst een maand nadat de betrokkenen hierover geïnformeerd zijn, in gaan.
4. Indien het pensioenfonds ABP een compensatie van een verlaging als bedoeld in artikel 134 Pensioenwettoepast, past Onze Minister de compensatie toe op overeenkomstige wijze.
2. Onze Minister informeert de ministers en de gewezen ministers schriftelijk over zijn voornemen om de pensioenaanspraken of pensioenen te verlagen.
3. De verlaging kan op zijn vroegst een maand nadat de betrokkenen hierover geïnformeerd zijn, in gaan.
4. Indien het pensioenfonds ABP een compensatie van een verlaging als bedoeld in artikel 134 Pensioenwettoepast, past Onze Minister de compensatie toe op overeenkomstige wijze.