BWBR0002691
Geldig vanaf 1966-01-01
Artikel 138
Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers
Een persoon die lid van gedeputeerde staten is geweest, heeft met overeenkomstige toepassing van hoofdstuk 4en de artikelen 40a, 40ben 40crecht op ouderdomspensioen, met dien verstande dat:
a. gedeputeerde staten in de plaats treden van Onze Minister;
b. voor «hoofdstuk 3» gelezen wordt «hoofdstuk 21».
a. gedeputeerde staten in de plaats treden van Onze Minister;
b. voor «hoofdstuk 3» gelezen wordt «hoofdstuk 21».