BWBR0045685
Geldig vanaf 2025-11-21
Artikel 5.6.4
Regeling Europese EZ-, LVVN- en KGG-subsidies 2021
1. De hoogte van de subsidie bedraagt minimaal € 125.000 en maximaal € 500.000.
2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de subsidie voor een project dat gericht is op de categorie, bedoeld in artikel 5.6.2, zesde lid, onderdeel a, minimaal € 25.000 en maximaal € 125.000.
3. De varkenshouders die deelnemen aan de operationele groep, bedoeld in artikel 5.6.2, tweede lid, ontvangen samen ten minste 60% van het totale subsidiebedrag.
4. De hoogte van de subsidie bedraagt:
a. Indien gebruik wordt gemaakt van de berekeningswijze, benoemd in artikel 5.1.2, eerste lid, onderdelen a en b: 1°. 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen;
2°. 100% van de overige subsidiabele kosten.
1°. 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen;
2°. 100% van de overige subsidiabele kosten.
b. Indien gebruik wordt gemaakt van de berekeningswijze, benoemd in artikel 5.1.2, eerste lid, onderdeel c, 100% van de subsidiabele kosten.
5. De hoogte van de subsidie voor de aankoop van landbouwgrond bedraagt ten hoogste 10% van de totale subsidiabele kosten van het project.
6. In afwijking van het vierde lid, onderdeel a, subonderdeel 1, is een investering gedaan door een jonge landbouwer voor een project dat gericht is op de categorie, bedoeld in artikel 5.6.2, zesde lid, onderdeel a, voor 65% subsidiabel.
2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de subsidie voor een project dat gericht is op de categorie, bedoeld in artikel 5.6.2, zesde lid, onderdeel a, minimaal € 25.000 en maximaal € 125.000.
3. De varkenshouders die deelnemen aan de operationele groep, bedoeld in artikel 5.6.2, tweede lid, ontvangen samen ten minste 60% van het totale subsidiebedrag.
4. De hoogte van de subsidie bedraagt:
a. Indien gebruik wordt gemaakt van de berekeningswijze, benoemd in artikel 5.1.2, eerste lid, onderdelen a en b: 1°. 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen;
2°. 100% van de overige subsidiabele kosten.
1°. 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen;
2°. 100% van de overige subsidiabele kosten.
b. Indien gebruik wordt gemaakt van de berekeningswijze, benoemd in artikel 5.1.2, eerste lid, onderdeel c, 100% van de subsidiabele kosten.
5. De hoogte van de subsidie voor de aankoop van landbouwgrond bedraagt ten hoogste 10% van de totale subsidiabele kosten van het project.
6. In afwijking van het vierde lid, onderdeel a, subonderdeel 1, is een investering gedaan door een jonge landbouwer voor een project dat gericht is op de categorie, bedoeld in artikel 5.6.2, zesde lid, onderdeel a, voor 65% subsidiabel.