BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 4.2.13
Regeling bemanning zeeschepen
1. Sanitaire ruimten en voorzieningen als bedoeld in artikel 4.2.12met uitzondering van ruimten die zijn verbonden met hutten, voldoen aan de volgende eisen:
a. de vloer bestaat uit deugdelijk, duurzaam en gemakkelijk te reinigen materiaal, dat ondoordringbaar is voor vocht;
b. schotten zijn vervaardigd van staal of ander deugdelijk materiaal, dat tot ten minste 23 centimeter boven de vloer waterdicht is;
c. toiletten zijn op voldoende wijze van elkaar zijn gescheiden en gemakkelijk bereikbaar;
d. een toilet is van een ruime afvoer voorzien en kan afzonderlijk door middel van een vaste inrichting gemakkelijk worden doorgespoeld, zodanig, dat geen stank wordt verspreid;
e. wastafels en badkuipen zijn van voldoende afmetingen en zijn vervaardigd van deudelijk materiaal, met een glad oppervlak, niet onderhevig aan scheuren, schilferen of roesten; en
f. de vloer van een ruimte, waarin een toilet of een wasgelegenheid is ondergebracht, is voorzien van een behoorlijke waterafvoer.
2. Een toilet staat niet rechtstreeks in verbinding met slaapverblijven, en met een doodlopende gang tussen de slaapverblijven en de toiletten, met dien verstande, dat dit niet geldt voor een toilet tussen twee slaapverblijven, welke tezamen voor niet meer dan vier personen zijn bestemd.
3. Een toilet is van een zodanig model en de afvoer is zodanig ingericht, dat de kans op verstopping zo klein mogelijk is en het schoonhouden vergemakkelijkt wordt.
a. de vloer bestaat uit deugdelijk, duurzaam en gemakkelijk te reinigen materiaal, dat ondoordringbaar is voor vocht;
b. schotten zijn vervaardigd van staal of ander deugdelijk materiaal, dat tot ten minste 23 centimeter boven de vloer waterdicht is;
c. toiletten zijn op voldoende wijze van elkaar zijn gescheiden en gemakkelijk bereikbaar;
d. een toilet is van een ruime afvoer voorzien en kan afzonderlijk door middel van een vaste inrichting gemakkelijk worden doorgespoeld, zodanig, dat geen stank wordt verspreid;
e. wastafels en badkuipen zijn van voldoende afmetingen en zijn vervaardigd van deudelijk materiaal, met een glad oppervlak, niet onderhevig aan scheuren, schilferen of roesten; en
f. de vloer van een ruimte, waarin een toilet of een wasgelegenheid is ondergebracht, is voorzien van een behoorlijke waterafvoer.
2. Een toilet staat niet rechtstreeks in verbinding met slaapverblijven, en met een doodlopende gang tussen de slaapverblijven en de toiletten, met dien verstande, dat dit niet geldt voor een toilet tussen twee slaapverblijven, welke tezamen voor niet meer dan vier personen zijn bestemd.
3. Een toilet is van een zodanig model en de afvoer is zodanig ingericht, dat de kans op verstopping zo klein mogelijk is en het schoonhouden vergemakkelijkt wordt.