BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 4.2.12
Regeling bemanning zeeschepen
1. Op een zeeschip zijn op een geschikte plaats voor officieren en gezellen sanitaire voorzieningen aanwezig, bestaande uit ten minste een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water voor iedere zes personen of minder, die niet beschikken over de sanitaire voorzieningen als bedoeld in het vierde, vijfde en zesde lid, met dien verstande dat het aantal toiletten op een zeeschip ten minste bedraagt:
[tabel]
2. Bij de berekeningen van het aantal voorzieningen wordt bij meer dan zes zeevarenden of een veelvoud van zes zeevarenden, een aantal van twee zeevarenden of minder verwaarloosd.
3. Voor vrouwelijke zeevarenden staan afzonderlijke sanitaire voorzieningen ter beschikking.
4. De beschikbaarheid van de toiletten is gelijkelijk over de groepen van officieren en gezellen verdeeld.
5. Op een zeeschip van 500 GT of meer zijn ten behoeve van de officieren toiletten in de nabijheid van hun slaapverblijven beschikbaar.
6. Op een zeeschip van 5.000 GT of meer, en niet meer dan 15.000 GT, zijn ten minste vijf éénpersoons slaapverblijven voor officieren aanwezig met een eigen badkamer, die is voorzien van een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water. De wastafel mag zich in het slaapverblijf bevinden.
7. Op een zeeschip van 10.000 GT of meer en niet meer dan 15.000 GT zijn de slaapverblijven van alle overige officieren voorzien van een daaraan verbonden eigen badkamer, dan wel van een badkamer die op dezelfde wijze is uitgerust en is gelegen in een ruimte tussen twee slaapverblijven en die vanuit deze slaapverblijven direct bereikbaar is.
8. Op een zeeschip van 15.000 GT of meer zijn de éénpersoons slaapverblijven voor de officieren voorzien van een daaraan verbonden eigen badkamer. De badkamer is uitgerust van een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water. De wastafel mag zich in het slaapverblijf bevinden.
9. Op een zeeschip van 25.000 GT of meer, met uitzondering van een passagiersschip, is per twee gezellen een badkamer aanwezig in een ruimte tussen twee aangrenzende slaapverblijven en van daaruit rechtstreeks te bereiken, of een badkamer gelegen tegenover deze verblijven. De badkamer is uitgerust met een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water.
10. Op een zeeschip van 5.000 GT of meer, met uitzondering van een passagiersschip, is een slaapverblijf voor gezellen voorzien van een wastafel met koud en warm stromend zoet water die is aangesloten op een afvoer, met uitzondering van een wastafel die aanwezig is in een badkamer overeenkomstig het zesde lid.
11. Een zeeschip van 1.600 GT of meer, met uitzondering van een zeeschip waarop het gehele machinekamerpersoneel de beschikking heeft over een eigen slaapverblijf en een badkamer per één of twee slaapverblijven, zijn kleedruimten aanwezig, die:
a. buiten de machinekamer zijn gelegen, en gemakkelijk bereikbaar zijn vanuit de machinekamer. Deze ruimten kunnen door het machinekamerpersoneel vanuit de machinekamer worden bereikt zonder dat men in de open lucht komt; en
b. zijn voorzien van een kledingkast voor een zeevarende alsmede van badkuipen of douches en wastafels met warm en koud stromend zoet water.
12. Een zeeschip van 1.600 GT of meer is voorzien van:
a. een aparte toiletruimte, met een toilet en een wastafel met warm en koud stromend zoet water, die gemakkelijk bereikbaar is vanaf het navigatie brugdek en bedoeld voor diegenen die daar hun werk verrichten; en
b. een toilet en een wastafel met warm en koud stromend zoet water, gemakkelijk bereikbaar vanuit de machinekamer, indien deze voorzieningen niet zijn aangebracht in de onmiddellijke nabijheid van de centrale controlekamer in de machinekamer.
13. Op een zeeschip met meer dan 100 zeevarenden, kan de minister ontheffing verlenen het eerste tot en met tiende lid en een vermindering van het aantal wastafels, badkuipen en douches toestaan.
[tabel]
2. Bij de berekeningen van het aantal voorzieningen wordt bij meer dan zes zeevarenden of een veelvoud van zes zeevarenden, een aantal van twee zeevarenden of minder verwaarloosd.
3. Voor vrouwelijke zeevarenden staan afzonderlijke sanitaire voorzieningen ter beschikking.
4. De beschikbaarheid van de toiletten is gelijkelijk over de groepen van officieren en gezellen verdeeld.
5. Op een zeeschip van 500 GT of meer zijn ten behoeve van de officieren toiletten in de nabijheid van hun slaapverblijven beschikbaar.
6. Op een zeeschip van 5.000 GT of meer, en niet meer dan 15.000 GT, zijn ten minste vijf éénpersoons slaapverblijven voor officieren aanwezig met een eigen badkamer, die is voorzien van een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water. De wastafel mag zich in het slaapverblijf bevinden.
7. Op een zeeschip van 10.000 GT of meer en niet meer dan 15.000 GT zijn de slaapverblijven van alle overige officieren voorzien van een daaraan verbonden eigen badkamer, dan wel van een badkamer die op dezelfde wijze is uitgerust en is gelegen in een ruimte tussen twee slaapverblijven en die vanuit deze slaapverblijven direct bereikbaar is.
8. Op een zeeschip van 15.000 GT of meer zijn de éénpersoons slaapverblijven voor de officieren voorzien van een daaraan verbonden eigen badkamer. De badkamer is uitgerust van een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water. De wastafel mag zich in het slaapverblijf bevinden.
9. Op een zeeschip van 25.000 GT of meer, met uitzondering van een passagiersschip, is per twee gezellen een badkamer aanwezig in een ruimte tussen twee aangrenzende slaapverblijven en van daaruit rechtstreeks te bereiken, of een badkamer gelegen tegenover deze verblijven. De badkamer is uitgerust met een toilet, een badkuip of douche en een wastafel met warm en koud stromend zoet water.
10. Op een zeeschip van 5.000 GT of meer, met uitzondering van een passagiersschip, is een slaapverblijf voor gezellen voorzien van een wastafel met koud en warm stromend zoet water die is aangesloten op een afvoer, met uitzondering van een wastafel die aanwezig is in een badkamer overeenkomstig het zesde lid.
11. Een zeeschip van 1.600 GT of meer, met uitzondering van een zeeschip waarop het gehele machinekamerpersoneel de beschikking heeft over een eigen slaapverblijf en een badkamer per één of twee slaapverblijven, zijn kleedruimten aanwezig, die:
a. buiten de machinekamer zijn gelegen, en gemakkelijk bereikbaar zijn vanuit de machinekamer. Deze ruimten kunnen door het machinekamerpersoneel vanuit de machinekamer worden bereikt zonder dat men in de open lucht komt; en
b. zijn voorzien van een kledingkast voor een zeevarende alsmede van badkuipen of douches en wastafels met warm en koud stromend zoet water.
12. Een zeeschip van 1.600 GT of meer is voorzien van:
a. een aparte toiletruimte, met een toilet en een wastafel met warm en koud stromend zoet water, die gemakkelijk bereikbaar is vanaf het navigatie brugdek en bedoeld voor diegenen die daar hun werk verrichten; en
b. een toilet en een wastafel met warm en koud stromend zoet water, gemakkelijk bereikbaar vanuit de machinekamer, indien deze voorzieningen niet zijn aangebracht in de onmiddellijke nabijheid van de centrale controlekamer in de machinekamer.
13. Op een zeeschip met meer dan 100 zeevarenden, kan de minister ontheffing verlenen het eerste tot en met tiende lid en een vermindering van het aantal wastafels, badkuipen en douches toestaan.