BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 4.2.10
Regeling bemanning zeeschepen
1. Op een zeeschip van 200 GT of meer zijn voldoende dagverblijven aanwezig die zijn gescheiden van de slaapverblijven en zo dicht mogelijk bij de kombuis zijn gelegen.
2. Er is een afzonderlijk dagverblijf:
a. aan boord van een zeeschip van 400 GT of meer en minder dan 1.000 GT: 1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen.
1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen.
b. aan boord van een zeeschip van 1.000 GT of meer: 1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen van het dekpersoneel;
3°. voor de gezellen van het machinekamerpersoneel.
1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen van het dekpersoneel;
3°. voor de gezellen van het machinekamerpersoneel.
3. In het tweede lid, onderdeel b, onder 2 en 3, is tevens van toepassing op ‘onderofficieren’ onderscheidenlijk ‘overige gezellen’.
4. De minister kan na overleg met de betrokken organisaties van scheepsbeheerders en zeevarenden ontheffing verlenen van het tweede lid, onder b, en toestaan dat voor de gezellen één gezamenlijk dagverblijf is ingericht.
5. Voor het personeel van de civiele dienst is een afzonderlijk dagverblijf ingericht of wordt behoorlijke gelegenheid tot gebruik van maaltijden in één van de dagverblijven gegeven.
6. De grootte en inrichting en het aantal tafels en zitbanken of stoelen, vastgezet of verplaatsbaar, van een dagverblijf zijn voldoende voor het grootste aantal personen dat gelijktijdig van het verblijf gebruik kan maken.
7. Het vloeroppervlak van de dagverblijven voor officieren en gezellen is niet minder dan één vierkante meter per zitplaats.
8. Indien bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken, kan de minister voor een passagiersschip ontheffing verlenen van het tweede en vierde tot en met zevende lid.
9. Voor de bemanningsleden zijn te allen tijde beschikbaar:
a. een koelkast op een gemakkelijk toegankelijke plaats en voldoende groot, gezien het aantal personen dat van het dagverblijf of de dagverblijven gebruik maakt;
b. voorzieningen voor het verstrekken van warme dranken; en
c. voorzieningen voor het verstrekken van gekoeld water.
10. Indien een pantry niet in rechtstreekse verbinding staat met een dagverblijf is deze voorzien van voldoende kastruimte voor het opbergen van eetgerei en een geschikte gelegenheid voor het schoonmaken daarvan.
11. De bovenkanten van tafels, banken en stoelen zijn vervaardigd van vochtwerend materiaal, zonder barsten, dat gemakkelijk is schoon te houden.
2. Er is een afzonderlijk dagverblijf:
a. aan boord van een zeeschip van 400 GT of meer en minder dan 1.000 GT: 1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen.
1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen.
b. aan boord van een zeeschip van 1.000 GT of meer: 1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen van het dekpersoneel;
3°. voor de gezellen van het machinekamerpersoneel.
1°. voor de kapitein en de officieren;
2°. voor de gezellen van het dekpersoneel;
3°. voor de gezellen van het machinekamerpersoneel.
3. In het tweede lid, onderdeel b, onder 2 en 3, is tevens van toepassing op ‘onderofficieren’ onderscheidenlijk ‘overige gezellen’.
4. De minister kan na overleg met de betrokken organisaties van scheepsbeheerders en zeevarenden ontheffing verlenen van het tweede lid, onder b, en toestaan dat voor de gezellen één gezamenlijk dagverblijf is ingericht.
5. Voor het personeel van de civiele dienst is een afzonderlijk dagverblijf ingericht of wordt behoorlijke gelegenheid tot gebruik van maaltijden in één van de dagverblijven gegeven.
6. De grootte en inrichting en het aantal tafels en zitbanken of stoelen, vastgezet of verplaatsbaar, van een dagverblijf zijn voldoende voor het grootste aantal personen dat gelijktijdig van het verblijf gebruik kan maken.
7. Het vloeroppervlak van de dagverblijven voor officieren en gezellen is niet minder dan één vierkante meter per zitplaats.
8. Indien bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken, kan de minister voor een passagiersschip ontheffing verlenen van het tweede en vierde tot en met zevende lid.
9. Voor de bemanningsleden zijn te allen tijde beschikbaar:
a. een koelkast op een gemakkelijk toegankelijke plaats en voldoende groot, gezien het aantal personen dat van het dagverblijf of de dagverblijven gebruik maakt;
b. voorzieningen voor het verstrekken van warme dranken; en
c. voorzieningen voor het verstrekken van gekoeld water.
10. Indien een pantry niet in rechtstreekse verbinding staat met een dagverblijf is deze voorzien van voldoende kastruimte voor het opbergen van eetgerei en een geschikte gelegenheid voor het schoonmaken daarvan.
11. De bovenkanten van tafels, banken en stoelen zijn vervaardigd van vochtwerend materiaal, zonder barsten, dat gemakkelijk is schoon te houden.