BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 3.4.12
Regeling bemanning zeeschepen
Voor de afgifte van het kennisbewijs gekwalificeerd gezel dek en machinekamer alle zeeschepen:
a. voldoet de aanvrager aan de volgende onderdelen van voorschriften van bijlage I bij richtlijn (EU) 2022/993: 1°. voorschrift II/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4; en
2°. voorschrift III/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4;
1°. voorschrift II/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4; en
2°. voorschrift III/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4;
b. heeft de aanvrager met goed gevolg examen afgelegd ter afsluiting van een opleiding die voldoet aan de volgende onderdelen van de STCW-code: 1°. sectie A-II/5, eerste tot en met derde lid; en
2°. sectie A-III/5, eerste tot en met derde lid; en
1°. sectie A-II/5, eerste tot en met derde lid; en
2°. sectie A-III/5, eerste tot en met derde lid; en
c. heeft de aanvrager als onderdeel van de in onderdeel b bedoelde opleiding gedurende ten minste twaalf maanden diensttijd opgedaan, die in gelijke mate bestaat uit werkzaamheden op de brug en uit werkzaamheden in de machinekamer, onder bijhouding van een door of namens de kapitein of hoofdwerktuigkundige af te tekenen stageboek, terwijl hij in het bezit is van de vaarbevoegdheid wachtlopend gezel dek en machinekamer alle zeeschepen.
a. voldoet de aanvrager aan de volgende onderdelen van voorschriften van bijlage I bij richtlijn (EU) 2022/993: 1°. voorschrift II/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4; en
2°. voorschrift III/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4;
1°. voorschrift II/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4; en
2°. voorschrift III/5, tweede lid, onderdelen 2 en 4;
b. heeft de aanvrager met goed gevolg examen afgelegd ter afsluiting van een opleiding die voldoet aan de volgende onderdelen van de STCW-code: 1°. sectie A-II/5, eerste tot en met derde lid; en
2°. sectie A-III/5, eerste tot en met derde lid; en
1°. sectie A-II/5, eerste tot en met derde lid; en
2°. sectie A-III/5, eerste tot en met derde lid; en
c. heeft de aanvrager als onderdeel van de in onderdeel b bedoelde opleiding gedurende ten minste twaalf maanden diensttijd opgedaan, die in gelijke mate bestaat uit werkzaamheden op de brug en uit werkzaamheden in de machinekamer, onder bijhouding van een door of namens de kapitein of hoofdwerktuigkundige af te tekenen stageboek, terwijl hij in het bezit is van de vaarbevoegdheid wachtlopend gezel dek en machinekamer alle zeeschepen.