BWBR0047808
Geldig vanaf 2024-01-01
Artikel 3.7
Regeling bodemkwaliteit 2022
1. Als sprake is van een bouwstof die uit eenheden van ongeveer gelijke grootte bestaat, wordt het volume van de kleinste eenheid van de bouwstof bepaald door de lengte, breedte en hoogte ervan, uitgedrukt in cm, met elkaar te vermenigvuldigen en vervolgens van het aldus berekende volume het volume van de holten en gaten aan het oppervlak af te trekken.
2. Als het volgens het eerste lid berekende volume van de kleinste eenheid van de bouwstof tussen 50 cm 3en 100 cm 3bedraagt, wordt het volume nader bepaald door de te onderzoeken eenheid in water onder te dompelen volgens hoofdstuk 8 van NEN-EN 13383-2 en vervolgens het volume te berekenen met toepassing van de formule die is weergegeven in paragraaf 1 van bijlage F.
2. Als het volgens het eerste lid berekende volume van de kleinste eenheid van de bouwstof tussen 50 cm 3en 100 cm 3bedraagt, wordt het volume nader bepaald door de te onderzoeken eenheid in water onder te dompelen volgens hoofdstuk 8 van NEN-EN 13383-2 en vervolgens het volume te berekenen met toepassing van de formule die is weergegeven in paragraaf 1 van bijlage F.