BWBR0002541
Geldig vanaf 1967-06-01
Artikel 66
Zaaizaad- en Plantgoedwet
De president van het gerechtshof te 's-Gravenhage is bevoegd ambtshalve of op het verzoek van het openbaar ministerie aan de raden en de plaatsvervangende raden van het gerechtshof, die de waardigheid van hun ambt, hun ambtsbezigheden of ambtsplichten verwaarlozen, of die zich schuldig maken aan de overtredingen, bedoeld in artikel 67, de nodige waarschuwing te doen, na hen in de gelegenheid te hebben gesteld om te worden gehoord.