BWBR0001950
Geldig vanaf 2013-12-18
Artikel 49gg
Algemeen Rijksambtenarenreglement
1. Aan de VWNW-kandidaat wordt een salarisgarantie gedurende twee jaar toegekend indien hij een aangeboden functie aanvaardt waarvan de berekeningsbasis lager is dan de berekeningsbasis in de laatstelijk door de VWNW-kandidaat vervulde functie.
2. Bij het bepalen van de hoogte van de salarisgarantie wordt bij een functie binnen de sector Rijk voor de berekeningsbasis uitgegaan van de som van het salaris op basis van artikel 5, tweede lid, van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, de vakantie-uitkering en de eindejaarsuitkering. Bij aanvaarding van een functie buiten de sector Rijk wordt voor de berekeningsbasis uitgegaan van de aldaar geldende vaste inkomensbestanddelen.
3. Bij plaatsing in een functie binnen de sector Rijk wordt de salarisgarantie maandelijks uitgekeerd.
4. Bij aanvaarding van een functie buiten de sector Rijk wordt de volledige aanspraak op de salarisgarantie eenmalig uitgekeerd.
5. Na de periode van twee jaar, bedoeld in het eerste lid, kan de VWNW-kandidaat jaarlijks suppletie op zijn salaris aanvragen, waarvan de hoogte wordt bepaald op grond van het tweede lid. De salarissuppletie wordt één maal per jaar uitbetaald en volgt de algemene salarisontwikkeling van de sector Rijk. Op verzoek van de VWNW-kandidaat wordt de salarissuppletie maandelijks uitgekeerd.
6. In afwijking van het vijfde lid is voor een VWNW-kandidaat die op de datum waarop hij de status van VWNW-kandidaat heeft gekregen een diensttijd binnen de sector Rijk heeft van korter dan vijf jaar, de maximale duur van de salarissuppletie gelijk aan de duur van de diensttijd bij de sector Rijk. Voor de berekening van de maximale duur van de suppletie wordt uitgegaan van de datum van aanvang van de nieuwe functie waarvan de berekeningsbasis lager is dan de berekeningsbasis van de laatstelijk door de VWNW-kandidaat vervulde functie.
7. De salarisgarantie en de salarissuppletie zijn ten hoogste gelijk aan het verschil tussen de berekeningsbasis in de laatstelijk vervulde functie en de berekeningsbasis van een functie die twee schalen lager is, met dien verstande dat indien voor de laatstelijk vervulde functie een lagere salarisschaal geldt dan die welke waarin de VWNW-kandidaat is ingedeeld, voor de berekeningsbasis uitgegaan wordt van de salarisschaal waarin de VWNW-kandidaat is ingedeeld.
8. In afwijking van het zesde lid, zijn de salarisgarantie en de salarissuppletie gelijk aan het verschil tussen de berekeningsbasis in de oorspronkelijke functie en de berekeningsbasis in de nieuwe functie, indien de VWNW-kandidaat heeft ingestemd met een plaatsing in een functie waarvan de salarisschaal meer dan twee schalen lager is dan de salarisschaal die behoort bij de laatstelijk door de VWNW-kandidaat vervulde functie.
9. Bij regeling van Onze Minister voor Wonen en Rijksdienst kunnen nadere regels worden gesteld over de berekeningswijze van de salarisgarantie en de salarissuppletie en de wijze waarop de salarissuppletie aangevraagd wordt.
2. Bij het bepalen van de hoogte van de salarisgarantie wordt bij een functie binnen de sector Rijk voor de berekeningsbasis uitgegaan van de som van het salaris op basis van artikel 5, tweede lid, van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984, de vakantie-uitkering en de eindejaarsuitkering. Bij aanvaarding van een functie buiten de sector Rijk wordt voor de berekeningsbasis uitgegaan van de aldaar geldende vaste inkomensbestanddelen.
3. Bij plaatsing in een functie binnen de sector Rijk wordt de salarisgarantie maandelijks uitgekeerd.
4. Bij aanvaarding van een functie buiten de sector Rijk wordt de volledige aanspraak op de salarisgarantie eenmalig uitgekeerd.
5. Na de periode van twee jaar, bedoeld in het eerste lid, kan de VWNW-kandidaat jaarlijks suppletie op zijn salaris aanvragen, waarvan de hoogte wordt bepaald op grond van het tweede lid. De salarissuppletie wordt één maal per jaar uitbetaald en volgt de algemene salarisontwikkeling van de sector Rijk. Op verzoek van de VWNW-kandidaat wordt de salarissuppletie maandelijks uitgekeerd.
6. In afwijking van het vijfde lid is voor een VWNW-kandidaat die op de datum waarop hij de status van VWNW-kandidaat heeft gekregen een diensttijd binnen de sector Rijk heeft van korter dan vijf jaar, de maximale duur van de salarissuppletie gelijk aan de duur van de diensttijd bij de sector Rijk. Voor de berekening van de maximale duur van de suppletie wordt uitgegaan van de datum van aanvang van de nieuwe functie waarvan de berekeningsbasis lager is dan de berekeningsbasis van de laatstelijk door de VWNW-kandidaat vervulde functie.
7. De salarisgarantie en de salarissuppletie zijn ten hoogste gelijk aan het verschil tussen de berekeningsbasis in de laatstelijk vervulde functie en de berekeningsbasis van een functie die twee schalen lager is, met dien verstande dat indien voor de laatstelijk vervulde functie een lagere salarisschaal geldt dan die welke waarin de VWNW-kandidaat is ingedeeld, voor de berekeningsbasis uitgegaan wordt van de salarisschaal waarin de VWNW-kandidaat is ingedeeld.
8. In afwijking van het zesde lid, zijn de salarisgarantie en de salarissuppletie gelijk aan het verschil tussen de berekeningsbasis in de oorspronkelijke functie en de berekeningsbasis in de nieuwe functie, indien de VWNW-kandidaat heeft ingestemd met een plaatsing in een functie waarvan de salarisschaal meer dan twee schalen lager is dan de salarisschaal die behoort bij de laatstelijk door de VWNW-kandidaat vervulde functie.
9. Bij regeling van Onze Minister voor Wonen en Rijksdienst kunnen nadere regels worden gesteld over de berekeningswijze van de salarisgarantie en de salarissuppletie en de wijze waarop de salarissuppletie aangevraagd wordt.