BWBR0001950
Geldig vanaf 2013-12-18
Artikel 20d
Algemeen Rijksambtenarenreglement
1. De ambtenaar die als vrijwillige ambtenaar van politie als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007321/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1, onderdeel d, van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie</a>in werkelijke dienst is, wordt geacht met verlof te zijn.
2. De in het eerste lid bedoelde ambtenaar blijft gedurende het aldaar bedoelde verlof, onverminderd het bepaalde in artikel 92, in het genot van de aan zijn ambt verbonden bezoldiging, met dien verstande, dat deze bezoldiging, indien het verlof langer dan twee weken duurt, voor de verdere duur van het verlof wordt verminderd met de beloning, waarop de ambtenaar als vrijwilliger aanspraak heeft.
3. De in het tweede lid bedoelde vermindering wordt slechts toegepast tot een zodanig bedrag, dat de ambtenaar in het genot blijft van een bedrag gelijk aan het verschuldigde premieverhaal op de overheidswerknemers op grond van de overeenkomst, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007791/artikel/4" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4, eerste lid van de Wet privatisering ABP</a>.
4. Het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid is niet van toepassing indien de ambtenaar de werkelijke dienst als vrijwilliger vervult tijdens aan hem verleend vakantieverlof.
5. Het bepaalde in artikel 20cis voor zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
2. De in het eerste lid bedoelde ambtenaar blijft gedurende het aldaar bedoelde verlof, onverminderd het bepaalde in artikel 92, in het genot van de aan zijn ambt verbonden bezoldiging, met dien verstande, dat deze bezoldiging, indien het verlof langer dan twee weken duurt, voor de verdere duur van het verlof wordt verminderd met de beloning, waarop de ambtenaar als vrijwilliger aanspraak heeft.
3. De in het tweede lid bedoelde vermindering wordt slechts toegepast tot een zodanig bedrag, dat de ambtenaar in het genot blijft van een bedrag gelijk aan het verschuldigde premieverhaal op de overheidswerknemers op grond van de overeenkomst, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007791/artikel/4" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4, eerste lid van de Wet privatisering ABP</a>.
4. Het bepaalde in het eerste, tweede en derde lid is niet van toepassing indien de ambtenaar de werkelijke dienst als vrijwilliger vervult tijdens aan hem verleend vakantieverlof.
5. Het bepaalde in artikel 20cis voor zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.