BWBR0009487
Geldig vanaf 1998-03-29
Artikel 47
Regeling voorbereiding en uitvoering verkeersvluchten, uitgezonderd rondvluchten
1. Zowel tijdens het laden als het lossen met laadmethode B en C mogen zich in het gebied met een straal van 50 m van het punt beneden het hefschroefvliegtuig, alsmede in de gebouwen in dat gebied, slechts personen en voertuigen bevinden, die bemoeienis hebben met het vervoer. Ingeval het laden of lossen geschiedt op een terrein, waarvan de afmetingen 50 bij 100 m of meer bedragen en waarvoor krachtens artikel 14 van de Luchtvaartwetontheffing is verleend, wordt het gebied, waarin zich slechts personen of voertuigen mogen bevinden die bemoeienis hebben met het vervoer, niet bepaald door de straal van 50 m doch door de afmetingen van het terrein.
2. Ingeval het laden of lossen geschiedt boven een luchtvaartterrein of binnen een afstand van 3 km van de grens van een luchtvaartterrein, moet hiervoor toestemming zijn verkregen van de havenmeester. Ingeval het laden of het lossen geschiedt boven een luchtvaartterrein of een schip, moet hiervoor toestemming zijn verkregen van de burgemeester van de betreffende gemeente.
2. Ingeval het laden of lossen geschiedt boven een luchtvaartterrein of binnen een afstand van 3 km van de grens van een luchtvaartterrein, moet hiervoor toestemming zijn verkregen van de havenmeester. Ingeval het laden of het lossen geschiedt boven een luchtvaartterrein of een schip, moet hiervoor toestemming zijn verkregen van de burgemeester van de betreffende gemeente.