BWBR0009487
Geldig vanaf 1998-03-29
Artikel 29
Regeling voorbereiding en uitvoering verkeersvluchten, uitgezonderd rondvluchten
Aan boord van het vliegtuig moeten middelen aanwezig zijn, welke de gezagvoerder in staat stellen aanwijzingen en inlichtingen aan de passagiers te geven omtrent:
a. de tijdstippen van het omgorden van veiligheidstuigen of -gordels;
b. hoe en wanneer ademhalingszuurstof moet worden gebruikt, indien het meevoeren van ademhalingszuurstof is vereist krachtens het bepaalde in artikel 17, eerste of tweede lid;
c. de tijdstippen, waarop niet mag worden gerookt;
d. de plaats en het gebruik van zwemvesten, indien het meevoeren hiervan is vereist krachtens het bepaalde in artikel 20;
e. de plaats en het gebruik van nooduitgangen;
f. het verbod van het vervoeren van handbagage en voorwerpen onder een passagierszitplaats, welke niet is afgeschermd overeenkomstig artikel 5B onder b.
a. de tijdstippen van het omgorden van veiligheidstuigen of -gordels;
b. hoe en wanneer ademhalingszuurstof moet worden gebruikt, indien het meevoeren van ademhalingszuurstof is vereist krachtens het bepaalde in artikel 17, eerste of tweede lid;
c. de tijdstippen, waarop niet mag worden gerookt;
d. de plaats en het gebruik van zwemvesten, indien het meevoeren hiervan is vereist krachtens het bepaalde in artikel 20;
e. de plaats en het gebruik van nooduitgangen;
f. het verbod van het vervoeren van handbagage en voorwerpen onder een passagierszitplaats, welke niet is afgeschermd overeenkomstig artikel 5B onder b.