BWBR0034320
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 71
Regeling uitvoering GMO groenten en fruit
1. Duurzame productiemiddelen die zijn gefinancierd of mede zijn gefinancierd door middel van het actiefonds zijn eigendom van de producentenorganisatie of van een dochteronderneming die voor minimaal 90% eigendom is van de producentenorganisatie.
2. Duurzame productiemiddelen worden geplaatst op een locatie:
a. waar zij bijdragen aan de toegevoegde waarde en de waarde van de afgezette productie van de producentenorganisatie, en
b. die: 1° eigendom is van de producentenorganisatie,
2° eigendom is van haar leden, of
3° door de producentenorganisatie of haar leden wordt gehuurd of geleased.
1° eigendom is van de producentenorganisatie,
2° eigendom is van haar leden, of
3° door de producentenorganisatie of haar leden wordt gehuurd of geleased.
3. Duurzame productiemiddelen die mede worden gefinancierd door rechtspersonen die een dochteronderneming zijn van meerdere erkende producentenorganisaties zijn subsidiabel naar rato van de aandelenverhoudingen tussen de betreffende producentenorganisaties.
3. Duurzame productiemiddelen, bedoeld in het eerste lid, die mede zijn gefinancierd door rechtspersonen waarin bij de producentenorganisatie aangesloten producenten een belang hebben van meer dan 10% zijn niet subsidiabel.
4. Kosten voor het vestigen van een recht van opstal zijn niet subsidiabel.
2. Duurzame productiemiddelen worden geplaatst op een locatie:
a. waar zij bijdragen aan de toegevoegde waarde en de waarde van de afgezette productie van de producentenorganisatie, en
b. die: 1° eigendom is van de producentenorganisatie,
2° eigendom is van haar leden, of
3° door de producentenorganisatie of haar leden wordt gehuurd of geleased.
1° eigendom is van de producentenorganisatie,
2° eigendom is van haar leden, of
3° door de producentenorganisatie of haar leden wordt gehuurd of geleased.
3. Duurzame productiemiddelen die mede worden gefinancierd door rechtspersonen die een dochteronderneming zijn van meerdere erkende producentenorganisaties zijn subsidiabel naar rato van de aandelenverhoudingen tussen de betreffende producentenorganisaties.
3. Duurzame productiemiddelen, bedoeld in het eerste lid, die mede zijn gefinancierd door rechtspersonen waarin bij de producentenorganisatie aangesloten producenten een belang hebben van meer dan 10% zijn niet subsidiabel.
4. Kosten voor het vestigen van een recht van opstal zijn niet subsidiabel.