BWBR0034320
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 43
Regeling uitvoering GMO groenten en fruit
1. Producentenorganisaties streven met hun operationeel programma minimaal elk van de volgende strategische doelen na:
a. verduurzaming, en
b. marktgericht produceren.
2. Producentenorganisaties kunnen met hun operationeel programma tevens het strategisch doel versterking afzetstructuur nastreven.
3. De gekwantificeerde streefdoelen zijn voor Nederland:
a. voor de strategische doelstelling verduurzaming voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 1 januari 2018: 1° vermindering van de uitstoot van broeikasgassen;
2° het hergebruik van afvalstoffen;
3° het voorkomen van emissie van gewasbeschermingsmiddelen en nutriënten naar lucht, water en bodem;
4° het bevorderen van geïntegreerde productie, en
5° het bevorderen van omschakeling naar een biologische productiewijze;
1° vermindering van de uitstoot van broeikasgassen;
2° het hergebruik van afvalstoffen;
3° het voorkomen van emissie van gewasbeschermingsmiddelen en nutriënten naar lucht, water en bodem;
4° het bevorderen van geïntegreerde productie, en
5° het bevorderen van omschakeling naar een biologische productiewijze;
b. voor het strategische doel marktgericht produceren voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020: 1° van de totale omzet van Nederlandse producentenorganisaties is op 31 december 2020 15% afkomstig uit de afzet van nieuwe producten of nieuwe concepten op bestaande markten of het aanboren van nieuwe afzetkanalen en markten;
2° een jaarlijkse toename van 2,5% van de omzet per areaal;
3° een toename van het aantal producten dat wordt afgezet in een hogere kwaliteitsklasse of met een onderscheidend kwaliteitslabel, en
4° een jaarlijkse groei van 5% van de omzet van biologisch gecertificeerde productie in groente en fruit.
1° van de totale omzet van Nederlandse producentenorganisaties is op 31 december 2020 15% afkomstig uit de afzet van nieuwe producten of nieuwe concepten op bestaande markten of het aanboren van nieuwe afzetkanalen en markten;
2° een jaarlijkse toename van 2,5% van de omzet per areaal;
3° een toename van het aantal producten dat wordt afgezet in een hogere kwaliteitsklasse of met een onderscheidend kwaliteitslabel, en
4° een jaarlijkse groei van 5% van de omzet van biologisch gecertificeerde productie in groente en fruit.
c. voor de strategische doelstelling versterking afzetstructuur voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020: 1° verdergaande samenwerking tussen producentenorganisaties;
2° een toename van de organisatiegraad per subsector met 15% van het aangesloten areaal op 31 december 2020 ten opzichte van 1 januari 2014.
1° verdergaande samenwerking tussen producentenorganisaties;
2° een toename van de organisatiegraad per subsector met 15% van het aangesloten areaal op 31 december 2020 ten opzichte van 1 januari 2014.
a. verduurzaming, en
b. marktgericht produceren.
2. Producentenorganisaties kunnen met hun operationeel programma tevens het strategisch doel versterking afzetstructuur nastreven.
3. De gekwantificeerde streefdoelen zijn voor Nederland:
a. voor de strategische doelstelling verduurzaming voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 1 januari 2018: 1° vermindering van de uitstoot van broeikasgassen;
2° het hergebruik van afvalstoffen;
3° het voorkomen van emissie van gewasbeschermingsmiddelen en nutriënten naar lucht, water en bodem;
4° het bevorderen van geïntegreerde productie, en
5° het bevorderen van omschakeling naar een biologische productiewijze;
1° vermindering van de uitstoot van broeikasgassen;
2° het hergebruik van afvalstoffen;
3° het voorkomen van emissie van gewasbeschermingsmiddelen en nutriënten naar lucht, water en bodem;
4° het bevorderen van geïntegreerde productie, en
5° het bevorderen van omschakeling naar een biologische productiewijze;
b. voor het strategische doel marktgericht produceren voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020: 1° van de totale omzet van Nederlandse producentenorganisaties is op 31 december 2020 15% afkomstig uit de afzet van nieuwe producten of nieuwe concepten op bestaande markten of het aanboren van nieuwe afzetkanalen en markten;
2° een jaarlijkse toename van 2,5% van de omzet per areaal;
3° een toename van het aantal producten dat wordt afgezet in een hogere kwaliteitsklasse of met een onderscheidend kwaliteitslabel, en
4° een jaarlijkse groei van 5% van de omzet van biologisch gecertificeerde productie in groente en fruit.
1° van de totale omzet van Nederlandse producentenorganisaties is op 31 december 2020 15% afkomstig uit de afzet van nieuwe producten of nieuwe concepten op bestaande markten of het aanboren van nieuwe afzetkanalen en markten;
2° een jaarlijkse toename van 2,5% van de omzet per areaal;
3° een toename van het aantal producten dat wordt afgezet in een hogere kwaliteitsklasse of met een onderscheidend kwaliteitslabel, en
4° een jaarlijkse groei van 5% van de omzet van biologisch gecertificeerde productie in groente en fruit.
c. voor de strategische doelstelling versterking afzetstructuur voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020: 1° verdergaande samenwerking tussen producentenorganisaties;
2° een toename van de organisatiegraad per subsector met 15% van het aangesloten areaal op 31 december 2020 ten opzichte van 1 januari 2014.
1° verdergaande samenwerking tussen producentenorganisaties;
2° een toename van de organisatiegraad per subsector met 15% van het aangesloten areaal op 31 december 2020 ten opzichte van 1 januari 2014.