BWBR0034320
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 131
Regeling uitvoering GMO groenten en fruit
1. Uitgaven van de producentenorganisatie ten behoeve van de borging van de productkwaliteit van een nieuw product of concept in de keten zijn subsidiabel, indien het gaat om uitgaven voor:
a. het voor de eerste keer laten certificeren van keurmerken voor nieuwe producten en nieuwe concepten, of
b. het voor de eerste keer laten certificeren van keurmerken op het gebied van duurzaamheid, kwaliteit en voedselveiligheid in de keten.
2. Uitgaven als bedoeld in het eerste lid voor ICT voorzieningen voor tracking en tracing systemen zijn subsidiabel indien het gaat om ICT voorzieningen ten behoeve van:
a. de registraties van productherkomst, ziekten, plagen, middelen of meststoffen, of
b. het laten functioneren van oogstkarren, weeginstallaties of kantelinstallaties.
3. Uitgaven als bedoeld in het eerste lid zijn niet subsidiabel indien het gaat om:
a. uitgaven voor onderhoudsabonnementen;
b. uitgaven voor de aanschaf van een Global Location Number (GLN), of
c. uitgaven van de producentenorganisatie om aan keurmerken te voldoen.
4. Uitgaven als bedoeld in het tweede lid zijn voor maximaal 50% subsidiabel.
a. het voor de eerste keer laten certificeren van keurmerken voor nieuwe producten en nieuwe concepten, of
b. het voor de eerste keer laten certificeren van keurmerken op het gebied van duurzaamheid, kwaliteit en voedselveiligheid in de keten.
2. Uitgaven als bedoeld in het eerste lid voor ICT voorzieningen voor tracking en tracing systemen zijn subsidiabel indien het gaat om ICT voorzieningen ten behoeve van:
a. de registraties van productherkomst, ziekten, plagen, middelen of meststoffen, of
b. het laten functioneren van oogstkarren, weeginstallaties of kantelinstallaties.
3. Uitgaven als bedoeld in het eerste lid zijn niet subsidiabel indien het gaat om:
a. uitgaven voor onderhoudsabonnementen;
b. uitgaven voor de aanschaf van een Global Location Number (GLN), of
c. uitgaven van de producentenorganisatie om aan keurmerken te voldoen.
4. Uitgaven als bedoeld in het tweede lid zijn voor maximaal 50% subsidiabel.