BWBR0034320
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 146
Regeling uitvoering GMO groenten en fruit
1. Uitgaven van de producentenorganisatie ten behoeven van marketing en verkoopbevordering van merken en handelsnamen van de producentenorganisatie en hun dochterondernemingen, die wordt meegenomen in de berekening van de waarde van de afgezette productie op grond van artikel 50, negende lid, van verordening 543/2011, zijn subsidiabel indien het gaat om uitgaven voor:
a. promotie van merken of handelsnamen op consumentenbeurzen;
b. promotie van merken of handelsnamen op publieksevenementen;
c. promotie van merken of handelsnamen in het kader van duurzaam telen;
d. promotie van merken of handelsnamen gericht op doelgroepen;
e. sectorpromotie en PR-campagnes;
f. websites en sociale media, indien het gaat om: 1° het voor de eerste maal registreren van een domeinnaam;
2° het bouwen van een nieuwe website, en
3° het uitbreiden van een bestaande website met aantoonbaar nieuwe elementen.
1° het voor de eerste maal registreren van een domeinnaam;
2° het bouwen van een nieuwe website, en
3° het uitbreiden van een bestaande website met aantoonbaar nieuwe elementen.
g. het opstellen en uitvoeren van plannen voor accountmanagement of categorymanagement, en
h. het laten uitvoeren van onderzoek op het gebied van afzetbeleid, voor zover niet gericht op de interne organisatie van de producentenorganisatie.
2. Uitgaven als bedoeld in het eerste lid zijn niet subsidiabel als het gaat om:
a. De aankoop van een licentie;
b. activiteiten ten behoeve van een merk waarvan de licentie gehuurd of geleased is;
c. activiteiten op het gebied van verkoop van producten;
d. uitgaven voor gezamenlijke verkoopbevordering, waarvan de kosten mede worden gedragen door een afnemer;
e. de kosten van producten in het geval van het gratis verstrekken van product;
f. abonnementen bij providers, hosting van serverruimte, communicatie met het web, het updaten van bestaande websites, personeelskosten ten behoeve van berichtgeving in het kader van social media;
g. uitgaven voor sponsoring, en
h. PR-activiteiten richting potentiële leden van een producentenorganisatie.
a. promotie van merken of handelsnamen op consumentenbeurzen;
b. promotie van merken of handelsnamen op publieksevenementen;
c. promotie van merken of handelsnamen in het kader van duurzaam telen;
d. promotie van merken of handelsnamen gericht op doelgroepen;
e. sectorpromotie en PR-campagnes;
f. websites en sociale media, indien het gaat om: 1° het voor de eerste maal registreren van een domeinnaam;
2° het bouwen van een nieuwe website, en
3° het uitbreiden van een bestaande website met aantoonbaar nieuwe elementen.
1° het voor de eerste maal registreren van een domeinnaam;
2° het bouwen van een nieuwe website, en
3° het uitbreiden van een bestaande website met aantoonbaar nieuwe elementen.
g. het opstellen en uitvoeren van plannen voor accountmanagement of categorymanagement, en
h. het laten uitvoeren van onderzoek op het gebied van afzetbeleid, voor zover niet gericht op de interne organisatie van de producentenorganisatie.
2. Uitgaven als bedoeld in het eerste lid zijn niet subsidiabel als het gaat om:
a. De aankoop van een licentie;
b. activiteiten ten behoeve van een merk waarvan de licentie gehuurd of geleased is;
c. activiteiten op het gebied van verkoop van producten;
d. uitgaven voor gezamenlijke verkoopbevordering, waarvan de kosten mede worden gedragen door een afnemer;
e. de kosten van producten in het geval van het gratis verstrekken van product;
f. abonnementen bij providers, hosting van serverruimte, communicatie met het web, het updaten van bestaande websites, personeelskosten ten behoeve van berichtgeving in het kader van social media;
g. uitgaven voor sponsoring, en
h. PR-activiteiten richting potentiële leden van een producentenorganisatie.