BWBR0020700
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 3:25
Regeling solvabiliteitseisen marktrisico Wft 2011
1. Een financiële onderneming kan voor de berekening van het solvabiliteitsvereiste voor posities in instellingen voor collectieve belegging waarvan de rechten van deelneming worden uitgegeven door ondernemingen die onder toezicht staan van een toezichthoudende instantie in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte, of van een rechtspersoon die als toezichthoudende instantie in de Europese Economische Ruimte is erkend, van de methode, bedoeld in artikel 3:13 gebruik maken, indien:
a. de prospectussen of gelijkwaardige documenten van de instelling voor collectieve belegging gegevens bevatten over: 1°. de categorieën activa waarin deze instelling voor collectieve belegging mag beleggen;
2°. als er beleggingsbeperkingen gelden, wat deze zijn en hoe zij berekend worden;
3°. als beleggingen met geleend vermogen zijn toegestaan, het maximumpercentage;
4°. als beleggingen in financiële, niet op een beurs verhandelde derivaten, of retrocessieovereenkomsten zijn toegestaan, een beschrijving van het gevoerde beleid om het tegenpartijrisico van dergelijke verrichtingen te beperken;
1°. de categorieën activa waarin deze instelling voor collectieve belegging mag beleggen;
2°. als er beleggingsbeperkingen gelden, wat deze zijn en hoe zij berekend worden;
3°. als beleggingen met geleend vermogen zijn toegestaan, het maximumpercentage;
4°. als beleggingen in financiële, niet op een beurs verhandelde derivaten, of retrocessieovereenkomsten zijn toegestaan, een beschrijving van het gevoerde beleid om het tegenpartijrisico van dergelijke verrichtingen te beperken;
b. over de activiteiten van de instelling voor collectieve belegging tenminste jaarlijks een verslag wordt uitgebracht op grond waarvan de activa en passiva, de inkomsten en de verrichtingen in de verslagperiode kunnen worden geëvalueerd;
c. de rechten van deelneming in de instelling voor collectieve belegging door de instelling voor collectieve belegging dagelijks uit eigen activa tegen contanten kunnen worden teruggekocht, wanneer de houders van de rechten daarom verzoeken;
d. de beleggingen in de instelling voor collectieve belegging en de activa van de beheerder van de instelling voor collectieve belegging van elkaar gescheiden worden gehouden;
e. de instelling voor collectieve belegging door de betrokken beleggende financiële onderneming voorafgaand aan een adequate risicobeoordeling is onderworpen.
2. Indien aan de criteria, bedoeld in het eerste lid is voldaan, kan DNB goedkeuring verlenen tot het toepassen van de in het volgende artikel bedoelde berekeningsmethode voor posities in instellingen voor collectieve belegging die onder toezicht staan van een andere toezichthoudende instantie dan bedoeld in de aanhef van het eerste lid.
a. de prospectussen of gelijkwaardige documenten van de instelling voor collectieve belegging gegevens bevatten over: 1°. de categorieën activa waarin deze instelling voor collectieve belegging mag beleggen;
2°. als er beleggingsbeperkingen gelden, wat deze zijn en hoe zij berekend worden;
3°. als beleggingen met geleend vermogen zijn toegestaan, het maximumpercentage;
4°. als beleggingen in financiële, niet op een beurs verhandelde derivaten, of retrocessieovereenkomsten zijn toegestaan, een beschrijving van het gevoerde beleid om het tegenpartijrisico van dergelijke verrichtingen te beperken;
1°. de categorieën activa waarin deze instelling voor collectieve belegging mag beleggen;
2°. als er beleggingsbeperkingen gelden, wat deze zijn en hoe zij berekend worden;
3°. als beleggingen met geleend vermogen zijn toegestaan, het maximumpercentage;
4°. als beleggingen in financiële, niet op een beurs verhandelde derivaten, of retrocessieovereenkomsten zijn toegestaan, een beschrijving van het gevoerde beleid om het tegenpartijrisico van dergelijke verrichtingen te beperken;
b. over de activiteiten van de instelling voor collectieve belegging tenminste jaarlijks een verslag wordt uitgebracht op grond waarvan de activa en passiva, de inkomsten en de verrichtingen in de verslagperiode kunnen worden geëvalueerd;
c. de rechten van deelneming in de instelling voor collectieve belegging door de instelling voor collectieve belegging dagelijks uit eigen activa tegen contanten kunnen worden teruggekocht, wanneer de houders van de rechten daarom verzoeken;
d. de beleggingen in de instelling voor collectieve belegging en de activa van de beheerder van de instelling voor collectieve belegging van elkaar gescheiden worden gehouden;
e. de instelling voor collectieve belegging door de betrokken beleggende financiële onderneming voorafgaand aan een adequate risicobeoordeling is onderworpen.
2. Indien aan de criteria, bedoeld in het eerste lid is voldaan, kan DNB goedkeuring verlenen tot het toepassen van de in het volgende artikel bedoelde berekeningsmethode voor posities in instellingen voor collectieve belegging die onder toezicht staan van een andere toezichthoudende instantie dan bedoeld in de aanhef van het eerste lid.
- Citeren als
- Art. 3:25
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020700
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl