BWBR0020700
Geldig vanaf 20-12-2007
Artikel 3:38
Regeling solvabiliteitseisen marktrisico Wft 2011
1. Het saldo van de lange of korte posities van een financiële onderneming tegenover de tegengestelde posities in dezelfde grondstof en identieke futures, opties en warrants op grondstoffen, is haar netto positie in elke grondstof.
2. Bij de berekening van de netto positie, bedoeld in het eerste lid, kunnen de lange en korte posities in de instrumenten, bedoeld in de artikelen 3:43 en 3:44, op de in die artikelen bedoelde wijze worden behandeld als posities in de onderliggende grondstof, bedoeld in het derde lid.
3. Als posities in de onderliggende grondstof worden aangemerkt:
a. posities in verschillende subcategorieën grondstoffen, indien deze subcategorieën volledig substitueerbaar zijn; en
b. posities in vergelijkbare grondstoffen, indien deze verregaand voor elkaar substitueerbaar zijn, en er gedurende minimaal één jaar tussen koersbewegingen duidelijk een correlatie van 90% kan worden vastgesteld.
4. Als de korte positie in een grondstof eerder vervalt dan de lange positie in diezelfde grondstof, houdt de financiële onderneming, voor zover zich dit op de betreffende markt kan voordoen, ook rekening met het risico van een te geringe liquiditeit.
5. Elke positie in grondstoffen wordt uitgedrukt in een vaste rekeneenheid en wordt, voor zover nodig, omgerekend tegen de geldende contante wisselkoers van de euro.
2. Bij de berekening van de netto positie, bedoeld in het eerste lid, kunnen de lange en korte posities in de instrumenten, bedoeld in de artikelen 3:43 en 3:44, op de in die artikelen bedoelde wijze worden behandeld als posities in de onderliggende grondstof, bedoeld in het derde lid.
3. Als posities in de onderliggende grondstof worden aangemerkt:
a. posities in verschillende subcategorieën grondstoffen, indien deze subcategorieën volledig substitueerbaar zijn; en
b. posities in vergelijkbare grondstoffen, indien deze verregaand voor elkaar substitueerbaar zijn, en er gedurende minimaal één jaar tussen koersbewegingen duidelijk een correlatie van 90% kan worden vastgesteld.
4. Als de korte positie in een grondstof eerder vervalt dan de lange positie in diezelfde grondstof, houdt de financiële onderneming, voor zover zich dit op de betreffende markt kan voordoen, ook rekening met het risico van een te geringe liquiditeit.
5. Elke positie in grondstoffen wordt uitgedrukt in een vaste rekeneenheid en wordt, voor zover nodig, omgerekend tegen de geldende contante wisselkoers van de euro.
- Citeren als
- Art. 3:38
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020700
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl