BWBR0020700
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 3:19
Regeling solvabiliteitseisen marktrisico Wft 2011
1. Aandelenindexfutures kunnen door een financiële onderneming worden behandeld als combinaties van posities in elk van de daaraan ten grondslag liggende aandelen. Voor de toepassing van de vorige volzin, worden deze posities behandeld als onderliggende posities in de desbetreffende aandelen en kunnen deze posities gesaldeerd worden met tegengestelde posities in de onderliggende aandelen.
2. De toepassing van het eerste lid staat uitsluitend open voor een financiële onderneming wier methode voor de berekening van het solvabiliteitsvereiste de voorafgaande toestemming van DNB heeft en die beschikt over toereikend toetsingsvermogen ter dekking van het risico van verlies als gevolg van:
a. het feit dat de waarde van de aandelenindexfuture niet exact de ontwikkeling volgt van de waarde van de onderliggende aandelen; of
b. het feit dat de financiële onderneming tegengestelde posities houdt in aandelenindexfutures die wat betreft looptijd of samenstelling niet identiek zijn.
3. Een aandelenindexfuture die niet in de onderliggende posities wordt opgesplitst, wordt behandeld als één afzonderlijk aandeel. Het specifieke positierisico met betrekking tot dit afzonderlijke aandeel kan echter buiten beschouwing blijven indien het gaat om een aandelenindexfuture die ter beurze wordt verhandeld en die op een ruim gediversifieerde index berust.
4. Een financiële onderneming legt de wijze waarop zij beoordeelt of sprake is van een gediversifieerde index als bedoeld in het vorige lid, schriftelijk vast en past deze beoordelingswijze vervolgens consistent toe.
2. De toepassing van het eerste lid staat uitsluitend open voor een financiële onderneming wier methode voor de berekening van het solvabiliteitsvereiste de voorafgaande toestemming van DNB heeft en die beschikt over toereikend toetsingsvermogen ter dekking van het risico van verlies als gevolg van:
a. het feit dat de waarde van de aandelenindexfuture niet exact de ontwikkeling volgt van de waarde van de onderliggende aandelen; of
b. het feit dat de financiële onderneming tegengestelde posities houdt in aandelenindexfutures die wat betreft looptijd of samenstelling niet identiek zijn.
3. Een aandelenindexfuture die niet in de onderliggende posities wordt opgesplitst, wordt behandeld als één afzonderlijk aandeel. Het specifieke positierisico met betrekking tot dit afzonderlijke aandeel kan echter buiten beschouwing blijven indien het gaat om een aandelenindexfuture die ter beurze wordt verhandeld en die op een ruim gediversifieerde index berust.
4. Een financiële onderneming legt de wijze waarop zij beoordeelt of sprake is van een gediversifieerde index als bedoeld in het vorige lid, schriftelijk vast en past deze beoordelingswijze vervolgens consistent toe.
- Citeren als
- Art. 3:19
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020700
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl