BWBR0009165
Geldig vanaf 2005-08-09
Artikel 305
Regeling wijziging constructie
1. De toegestane maximum massa van een bedrijfsauto alsmede de toegestane maximum massa van een samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen mogen niet meer bedragen dan:
a. 50.000 kg,
b. de door de fabrikant van de bedrijfsauto voor de bedrijfsauto onderscheidenlijk voor het samenstel van voertuigen opgegeven toegestane maximum massa,
c. vijf maal de toegestane maximum last onder de aangedreven as of assen,
d. de ten aanzien van het remsysteem van het trekkend motorrijtuig toegestane maximum massa, en
e. indien de bedrijfsauto na 30 juni 1967 in gebruik is genomen, het vermogen van de motor, vastgesteld volgens richtlijn 80/1269/EEG (PbEG 31 december 1980, L 375), gedeeld door de factor 3,68 × 10kW/kg.
2. De toegestane maximum massa van een door een bedrijfsauto voort te bewegen aanhangwagen mag niet meer bedragen dan:
a. de daarvoor door de fabrikant van de bedrijfsauto opgegeven toegestane maximum massa,
b. de daarvoor ten aanzien van de sterkte van de koppeling toegestane maximum massa,
c. de daarvoor ten aanzien van de sterkte en de bevestiging van de delen van het chassisraam waaraan de koppeling is bevestigd, toegestane maximum massa,
d. de daarvoor ten aanzien van het remsysteem van het trekkend motorrijtuig toegestane maximum massa, en
e. de helft van de ledige massa van de bedrijfsauto met een maximum van 750 kg indien het een ongeremde aanhangwagen betreft.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid mag de toegestane maximum massa van een door een bedrijfsauto voort te bewegen geremde middenasaanhangwagen niet meer bedragen dan:
a. 20.000 kg,
b. de toegestane maximum massa van de bedrijfsauto, en
c. 12.000 kg, indien: 1º de achterste as dan wel de achterste assen van de bedrijfsauto niet zijn voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering, of
2º de afstand van het hart van de koppeling tot de achterste as van de bedrijfsauto meer bedraagt dan 1,20 m indien de bedrijfsauto is voorzien van twee assen, dan wel meer bedraagt dan 1,55 m indien de bedrijfsauto is voorzien van meer dan twee assen.
1º de achterste as dan wel de achterste assen van de bedrijfsauto niet zijn voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering, of
2º de afstand van het hart van de koppeling tot de achterste as van de bedrijfsauto meer bedraagt dan 1,20 m indien de bedrijfsauto is voorzien van twee assen, dan wel meer bedraagt dan 1,55 m indien de bedrijfsauto is voorzien van meer dan twee assen.
4. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid mag de toegestane maximum massa van een rijdend werktuig meer bedragen dan 50.000 kg doch niet meer dan voor de bruikbaarheid als werktuig noodzakelijk is en niet meer dan 60.000 kg.
5. Bij een bedrijfsauto die zodanig is ingericht dat buiten de normaal aangedreven as of assen nog een of meer assen kunnen worden aangedreven, worden voor de toepassing van het bepaalde in het eerste tot en met vierde lid deze incidenteel aangedreven as of assen als aangedreven as of assen aangemerkt mits de snelheid waarmee met ingeschakelde as of assen mag worden gereden ten minste 60 km/h bedraagt.
a. 50.000 kg,
b. de door de fabrikant van de bedrijfsauto voor de bedrijfsauto onderscheidenlijk voor het samenstel van voertuigen opgegeven toegestane maximum massa,
c. vijf maal de toegestane maximum last onder de aangedreven as of assen,
d. de ten aanzien van het remsysteem van het trekkend motorrijtuig toegestane maximum massa, en
e. indien de bedrijfsauto na 30 juni 1967 in gebruik is genomen, het vermogen van de motor, vastgesteld volgens richtlijn 80/1269/EEG (PbEG 31 december 1980, L 375), gedeeld door de factor 3,68 × 10kW/kg.
2. De toegestane maximum massa van een door een bedrijfsauto voort te bewegen aanhangwagen mag niet meer bedragen dan:
a. de daarvoor door de fabrikant van de bedrijfsauto opgegeven toegestane maximum massa,
b. de daarvoor ten aanzien van de sterkte van de koppeling toegestane maximum massa,
c. de daarvoor ten aanzien van de sterkte en de bevestiging van de delen van het chassisraam waaraan de koppeling is bevestigd, toegestane maximum massa,
d. de daarvoor ten aanzien van het remsysteem van het trekkend motorrijtuig toegestane maximum massa, en
e. de helft van de ledige massa van de bedrijfsauto met een maximum van 750 kg indien het een ongeremde aanhangwagen betreft.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid mag de toegestane maximum massa van een door een bedrijfsauto voort te bewegen geremde middenasaanhangwagen niet meer bedragen dan:
a. 20.000 kg,
b. de toegestane maximum massa van de bedrijfsauto, en
c. 12.000 kg, indien: 1º de achterste as dan wel de achterste assen van de bedrijfsauto niet zijn voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering, of
2º de afstand van het hart van de koppeling tot de achterste as van de bedrijfsauto meer bedraagt dan 1,20 m indien de bedrijfsauto is voorzien van twee assen, dan wel meer bedraagt dan 1,55 m indien de bedrijfsauto is voorzien van meer dan twee assen.
1º de achterste as dan wel de achterste assen van de bedrijfsauto niet zijn voorzien van gasvering of van in het kader van de Europese Gemeenschappen als gelijkwaardig aangemerkte vering, of
2º de afstand van het hart van de koppeling tot de achterste as van de bedrijfsauto meer bedraagt dan 1,20 m indien de bedrijfsauto is voorzien van twee assen, dan wel meer bedraagt dan 1,55 m indien de bedrijfsauto is voorzien van meer dan twee assen.
4. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid mag de toegestane maximum massa van een rijdend werktuig meer bedragen dan 50.000 kg doch niet meer dan voor de bruikbaarheid als werktuig noodzakelijk is en niet meer dan 60.000 kg.
5. Bij een bedrijfsauto die zodanig is ingericht dat buiten de normaal aangedreven as of assen nog een of meer assen kunnen worden aangedreven, worden voor de toepassing van het bepaalde in het eerste tot en met vierde lid deze incidenteel aangedreven as of assen als aangedreven as of assen aangemerkt mits de snelheid waarmee met ingeschakelde as of assen mag worden gereden ten minste 60 km/h bedraagt.