BWBR0009165
Geldig vanaf 2005-08-09
Artikel 255
Regeling wijziging constructie
Indien bij een voertuig als bedoeld in artikel 6.7, derde lid, van het Voertuigreglement, de wijziging van de motorbrandstof plaats vindt door uitbouw van een CNG-installatie, moeten de volgende onderdelen van deze installatie verwijderd worden:
a. de CNG-tank inclusief alle aansluitingen;
b. de automatische afsluitklep;
c. het gasmengstuk of inspuitstuk;
d. de gasleiding, met uitzondering van het gedeelte dat rechtstreeks vast tegen de onderzijde van het voertuig is bevestigd;
e. de warmtewisselaar/drukregelaar, al dan niet gecombineerd; en
f. de vulaansluiting, tenzij deze definitief is afgeplugd.
a. de CNG-tank inclusief alle aansluitingen;
b. de automatische afsluitklep;
c. het gasmengstuk of inspuitstuk;
d. de gasleiding, met uitzondering van het gedeelte dat rechtstreeks vast tegen de onderzijde van het voertuig is bevestigd;
e. de warmtewisselaar/drukregelaar, al dan niet gecombineerd; en
f. de vulaansluiting, tenzij deze definitief is afgeplugd.