BWBR0001827
Geldig vanaf 1838-10-01
Artikel 223
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
1. Tijdens een aanhangig geding kan iedere partij vorderen dat de rechter een voorlopige voorziening zal treffen voor de duur van het geding.
2. Deze vordering moet samenhangen met de hoofdvordering.
2. Deze vordering moet samenhangen met de hoofdvordering.