BWBR0050681
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 51
Wet bemanning zeeschepen
1. De voorzitter kan ambtshalve of op gemotiveerd verzoek van Onze Minister, de klager of de betrokkene besluiten tot het instellen van een vooronderzoek, in welk geval hij de uitvoering van het vooronderzoek opdraagt aan een of meer leden of plaatsvervangende leden of aan de secretaris of een plaatsvervangende secretaris van het tuchtcollege.
2. Degene die het vooronderzoek verricht is bevoegd:
a. voor het verrichten van onderzoek ter plaatse elke plaats te betreden die hij noodzakelijk acht, zo nodig met behulp van de sterke arm, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner;
b. kennis te nemen van alle schriftelijke stukken en gegevens in geautomatiseerde werken die zich aan boord bevinden, waarvan hij kennisneming in het belang van het onderzoek acht, en daarvan afschriften te maken;
c. de klager, alsmede de betrokken kapitein of officier te horen;
d. getuigen en deskundigen te horen, waarbij het bepaalde in artikel 55, vijfde, zesde en zevende lid, van overeenkomstige toepassing is;
e. alle inlichtingen te vragen over een zaak als bedoeld in artikel 48, eerste lid.
3. Degene die het vooronderzoek heeft verricht neemt geen deel aan de behandeling van de zaak ter zitting van het tuchtcollege.
4. Betrokkenen ontvangen van de secretaris een verslag van het vooronderzoek.
2. Degene die het vooronderzoek verricht is bevoegd:
a. voor het verrichten van onderzoek ter plaatse elke plaats te betreden die hij noodzakelijk acht, zo nodig met behulp van de sterke arm, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner;
b. kennis te nemen van alle schriftelijke stukken en gegevens in geautomatiseerde werken die zich aan boord bevinden, waarvan hij kennisneming in het belang van het onderzoek acht, en daarvan afschriften te maken;
c. de klager, alsmede de betrokken kapitein of officier te horen;
d. getuigen en deskundigen te horen, waarbij het bepaalde in artikel 55, vijfde, zesde en zevende lid, van overeenkomstige toepassing is;
e. alle inlichtingen te vragen over een zaak als bedoeld in artikel 48, eerste lid.
3. Degene die het vooronderzoek heeft verricht neemt geen deel aan de behandeling van de zaak ter zitting van het tuchtcollege.
4. Betrokkenen ontvangen van de secretaris een verslag van het vooronderzoek.