BWBR0050681
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 37
Wet bemanning zeeschepen
1. Onze Minister geeft op aanvraag van de scheepbeheerder een certificaat maritieme arbeid af voor een zeeschip van 500 GT of meer dat internationale reizen maakt, anders dan een vissersvaartuig, indien de door de scheepsbeheerder opgestelde verklaring naleving maritieme arbeid deel II ten minste voldoet aan het bepaalde krachtens artikel 35of 36en na onderzoek is gebleken dat het desbetreffende zeeschip voldoet aan de eisen, bedoeld in aanhangsel A5-I van het MLC-verdrag.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de wijze waarop voldaan moet worden aan de eisen van het MLC-verdrag en de wijze waarop dat aan boord wordt bekendgemaakt.
3. Onze Minister kan op verzoek van de scheepsbeheerder een voorlopig certificaat maritieme arbeid afgeven. De artikelen 35en 36zijn niet van toepassing op dat verzoek.
4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de eisen voor de verkrijging, geldigheid, verlenging en intrekking van een certificaat maritieme arbeid, een verklaring naleving maritieme arbeid of een voorlopig certificaat maritieme arbeid.
5. Op verzoek van de scheepsbeheerder geeft Onze Minister voor een zeeschip kleiner dan 500 GT, anders dan een vissersvaartuig, overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens dit artikel een certificaat maritieme arbeid af. De artikelen 35en 36zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de wijze waarop voldaan moet worden aan de eisen van het MLC-verdrag en de wijze waarop dat aan boord wordt bekendgemaakt.
3. Onze Minister kan op verzoek van de scheepsbeheerder een voorlopig certificaat maritieme arbeid afgeven. De artikelen 35en 36zijn niet van toepassing op dat verzoek.
4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de eisen voor de verkrijging, geldigheid, verlenging en intrekking van een certificaat maritieme arbeid, een verklaring naleving maritieme arbeid of een voorlopig certificaat maritieme arbeid.
5. Op verzoek van de scheepsbeheerder geeft Onze Minister voor een zeeschip kleiner dan 500 GT, anders dan een vissersvaartuig, overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens dit artikel een certificaat maritieme arbeid af. De artikelen 35en 36zijn van overeenkomstige toepassing.