BWBR0025587
Geldig vanaf 2011-02-01
Artikel 30
Regeling instandhoudingsmaatregelen zeevisserij
1. Indien twee of meer vissersvaartuigen, waarvoor contingenten haring, betrekking hebbend op hetzelfde vangstgebied, kabeljauw en wijting, of makreel gelden, de visserij in span uitoefenen, wordt elk van de betrokken vissersvaartuigen geacht een evenredig deel van de totale door deze vissersvaartuigen aangelande hoeveelheid van de desbetreffende vissoort of vissoorten te hebben aangeland.
2. Alle tot het span te rekenen vissersvaartuigen als bedoeld in het eerste lid moeten in dezelfde haven aanlanden en gezamenlijk uitlossen.
2. Alle tot het span te rekenen vissersvaartuigen als bedoeld in het eerste lid moeten in dezelfde haven aanlanden en gezamenlijk uitlossen.