BWBR0025587
Geldig vanaf 2011-02-01
Artikel 21
Regeling instandhoudingsmaatregelen zeevisserij
1. In afwijking van artikel 11, eerste lid, kan een ondernemer die meer dan één vissersvaartuig in eigendom heeft waarvoor een contingent van dezelfde vissoort geldt, die contingenten op een andere manier voor deze vissersvaartuigen verdelen.
2. De verdeling, bedoeld in het eerste lid, is slechts toegestaan, indien:
a. – voor zover het contingenten van een aanverwante vissoort betreft – voor de betrokken vissersvaartuigen zowel een contingent van de desbetreffende aanverwante vissoort als een contingent van de in de artikel 11, tweede lid, bij die aanverwante vissoort genoemde vissoort geldt;
b. de contingenten van de desbetreffende vissoort of – in voorkomend geval – van de desbetreffende aanverwante vissoort van de betrokken vissersvaartuigen nog niet volledig zijn opgevist, dan wel niet als gevolg van de korting overeenkomstig artikel 20 zijn vastgesteld op nul op het moment van ontvangst van het verzoek;
c. de vrijstelling, bedoeld in artikel 2, tweede lid, nog niet is ingetrokken, en
d. de ondernemer de minister daarvan melding doet.
3. De andere verdeling wordt slechts toegepast na kennisgeving van de minister aan de ondernemer dat de melding, bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, is ontvangen.
2. De verdeling, bedoeld in het eerste lid, is slechts toegestaan, indien:
a. – voor zover het contingenten van een aanverwante vissoort betreft – voor de betrokken vissersvaartuigen zowel een contingent van de desbetreffende aanverwante vissoort als een contingent van de in de artikel 11, tweede lid, bij die aanverwante vissoort genoemde vissoort geldt;
b. de contingenten van de desbetreffende vissoort of – in voorkomend geval – van de desbetreffende aanverwante vissoort van de betrokken vissersvaartuigen nog niet volledig zijn opgevist, dan wel niet als gevolg van de korting overeenkomstig artikel 20 zijn vastgesteld op nul op het moment van ontvangst van het verzoek;
c. de vrijstelling, bedoeld in artikel 2, tweede lid, nog niet is ingetrokken, en
d. de ondernemer de minister daarvan melding doet.
3. De andere verdeling wordt slechts toegepast na kennisgeving van de minister aan de ondernemer dat de melding, bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, is ontvangen.