BWBR0004309
Geldig vanaf 1988-04-03
Artikel 16
Beschikking superheffing 1988
1. a. Ingeval van overdracht van grond, niet zijnde een geheel bedrijf, gaat 20 000 kg referentiehoeveelheid dan wel heffingvrije hoeveelheid als bedoeld in artikel 7 per hectare overgedragen grond, gebruikt voor de melkveehouderij, met inachtneming van de hierna volgende bepalingen over.
b. Iedere overdracht van grond, als bedoeld in onderdeel a, dient minimaal één hectare te omvatten, met dien verstande dat deze overdracht minder dan één hectare kan omvatten wanneer de totale oppervlakte grond op het betrokken bedrijf, gebruikt voor de melkveehouderij, minder dan één hectare bedraagt.
2. Ingeval de totale referentiehoeveelheid dan wel de in artikel 7bedoelde heffingvrije hoeveelheid op het betrokken bedrijf minder dan gemiddeld 20 000 kg per hectare grond, gebruikt voor de melkveehouderij, bedraagt, gaat bij een overdracht als bedoeld in het eerste lid, 20 000 kg per hectare overgedragen grond, gebruikt voor de melkveehouderij, over tot een maximum van de totale beschikbare referentiehoeveelheid dan wel de in artikel 7bedoelde heffingvrije hoeveelheid.
3. De ingevolge het eerste lid over te dragen grond dient gedurende een periode van één jaar voorafgaande aan de overdracht daadwerkelijk voor de melkproduktie op het betrokken bedrijf in gebruik te zijn geweest. Voorts dient de overgedragen grond gedurende een periode van één jaar na de overdracht daadwerkelijk voor de melkproduktie op het betrokken bedrijf in gebruik te blijven.
4. Voor degene die de levering van melk of andere zuivelprodukten volledig heeft gestaakt en al dan niet ingevolge het bepaalde in § 5ade gehele aan zijn bedrijf gerelateerde referentiehoeveelheid dan wel heffingvrije hoeveelheid als bedoeld in artikel 7tijdelijk heeft overgedragen en om die reden niet aan het gestelde in de eerste volzin van het derde lid kan voldoen, geldt dat gedurende enig jaar sinds 1 april 1984 de ingevolge het eerste lid over te dragen grond daadwerkelijk voor de melkproduktie op zijn bedrijf in gebruik moet zijn geweest.
5. Het produktschap kan in geval van overgang krachtens erfrecht of huwelijksvermogensrecht toestemming verlenen af te wijken van het bepaalde in het derde lid.
6. Een verzoek om toestemming als bedoeld in het vijfde lid dient bij het produktschap te worden ingediend op een daartoe voorgeschreven formulier.
b. Iedere overdracht van grond, als bedoeld in onderdeel a, dient minimaal één hectare te omvatten, met dien verstande dat deze overdracht minder dan één hectare kan omvatten wanneer de totale oppervlakte grond op het betrokken bedrijf, gebruikt voor de melkveehouderij, minder dan één hectare bedraagt.
2. Ingeval de totale referentiehoeveelheid dan wel de in artikel 7bedoelde heffingvrije hoeveelheid op het betrokken bedrijf minder dan gemiddeld 20 000 kg per hectare grond, gebruikt voor de melkveehouderij, bedraagt, gaat bij een overdracht als bedoeld in het eerste lid, 20 000 kg per hectare overgedragen grond, gebruikt voor de melkveehouderij, over tot een maximum van de totale beschikbare referentiehoeveelheid dan wel de in artikel 7bedoelde heffingvrije hoeveelheid.
3. De ingevolge het eerste lid over te dragen grond dient gedurende een periode van één jaar voorafgaande aan de overdracht daadwerkelijk voor de melkproduktie op het betrokken bedrijf in gebruik te zijn geweest. Voorts dient de overgedragen grond gedurende een periode van één jaar na de overdracht daadwerkelijk voor de melkproduktie op het betrokken bedrijf in gebruik te blijven.
4. Voor degene die de levering van melk of andere zuivelprodukten volledig heeft gestaakt en al dan niet ingevolge het bepaalde in § 5ade gehele aan zijn bedrijf gerelateerde referentiehoeveelheid dan wel heffingvrije hoeveelheid als bedoeld in artikel 7tijdelijk heeft overgedragen en om die reden niet aan het gestelde in de eerste volzin van het derde lid kan voldoen, geldt dat gedurende enig jaar sinds 1 april 1984 de ingevolge het eerste lid over te dragen grond daadwerkelijk voor de melkproduktie op zijn bedrijf in gebruik moet zijn geweest.
5. Het produktschap kan in geval van overgang krachtens erfrecht of huwelijksvermogensrecht toestemming verlenen af te wijken van het bepaalde in het derde lid.
6. Een verzoek om toestemming als bedoeld in het vijfde lid dient bij het produktschap te worden ingediend op een daartoe voorgeschreven formulier.