BWBR0004095
Geldig vanaf 1987-01-01
Artikel 23
Besluit voorschriften inzake aanspraken bij werkloosheid voor bepaalde groepen ambtenaren in de zin van de Algemene Burgerlijke Pensioenwet
1. De uitkering bedraagt per dag 70% van de laatstelijk genoten bezoldiging.
2. Voor de werknemer die bij het ontstaan van zijn recht op uitkering zijn arbeidsuren, bedoeld in artikel 5, niet volledig heeft verloren of wiens verlies van arbeidsuren tijdens de duur van de uitkering wijziging ondergaat, bedraagt de uitkering 70% van de laatstelijk genoten bezoldiging, vermenigvuldigd met het aantal uren werkloosheid per kalenderweek, gedeeld door het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren waarnaar zijn recht is berekend. Het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren wordt bepaald met toepassing van artikel 5.
3. Het tweede lid vindt geen toepassing voor zover bij de vaststelling van de laatstelijk genoten bezoldiging met de omstandigheden, bedoeld in dat lid, rekening is gehouden.
2. Voor de werknemer die bij het ontstaan van zijn recht op uitkering zijn arbeidsuren, bedoeld in artikel 5, niet volledig heeft verloren of wiens verlies van arbeidsuren tijdens de duur van de uitkering wijziging ondergaat, bedraagt de uitkering 70% van de laatstelijk genoten bezoldiging, vermenigvuldigd met het aantal uren werkloosheid per kalenderweek, gedeeld door het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren waarnaar zijn recht is berekend. Het aantal arbeidsuren voorafgaande aan het intreden van het verlies van arbeidsuren wordt bepaald met toepassing van artikel 5.
3. Het tweede lid vindt geen toepassing voor zover bij de vaststelling van de laatstelijk genoten bezoldiging met de omstandigheden, bedoeld in dat lid, rekening is gehouden.