BWBR0003143
Geldig vanaf 1979-01-01
Artikel 95
Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën
1. Zodra het plan van toedeling vaststaat en de lijst van rechthebbenden door de arrondissementsrechtbank is gesloten, maakt een door de herinrichtingscommissie aangewezen notaris de akte van toedeling op.
2. In de akte wordt opgenomen een kaart van het blok met aanwijzing van de kavels en de wegen en waterlopen.
3. In de akte worden voorts opgenomen:
a. de in artikel 71 bedoelde regeling, opheffing of vestiging van beperkte rechten en van de lasten welke met betrekking tot de onroerende zaken bestaan, met uitzondering van de bepalingen betreffende geldelijke verrekeningen;
b. het in artikel 74, eerste lid, bedoelde besluit inzake de toewijzing van de eigendom van openbare wegen, waterlopen en dijken met de daartoe behorende kunstwerken, voor zover zij binnen het blok zijn gelegen, met uitzondering van het gedeelte dat betrekking heeft op voorzieningen als bedoeld in artikel 16, vierde lid onder dsub 1 .
4. De omschrijving van de kavels, de wegen en de waterlopen, die op de in het tweede lid bedoelde kaart zijn afgebeeld en die daarop voorzien zijn van een nummer, geschiedt door vermelding van het nummer waarmee zij op die kaart voorkomen. Artikel 20, eerste lid, van de Kadasterwetis niet van toepassing voor zover het betreft het vermelden van de aard en de plaatselijke aanduiding zo deze er is, van onroerende zaken.
5. In de akte van toedeling worden tevens vermeld de hypotheken en de beslagen die door de inschrijving van de akte van toedeling niet meer blijven bestaan.
6. Het bepaalde in de artikelen 18, eerste en vijfde lid, en 24, tweede lid onder b, en vierde lid, tweede volzin, van de Kadasterwet, is van overeenkomstige toepassing op de akte van toedeling.
2. In de akte wordt opgenomen een kaart van het blok met aanwijzing van de kavels en de wegen en waterlopen.
3. In de akte worden voorts opgenomen:
a. de in artikel 71 bedoelde regeling, opheffing of vestiging van beperkte rechten en van de lasten welke met betrekking tot de onroerende zaken bestaan, met uitzondering van de bepalingen betreffende geldelijke verrekeningen;
b. het in artikel 74, eerste lid, bedoelde besluit inzake de toewijzing van de eigendom van openbare wegen, waterlopen en dijken met de daartoe behorende kunstwerken, voor zover zij binnen het blok zijn gelegen, met uitzondering van het gedeelte dat betrekking heeft op voorzieningen als bedoeld in artikel 16, vierde lid onder dsub 1 .
4. De omschrijving van de kavels, de wegen en de waterlopen, die op de in het tweede lid bedoelde kaart zijn afgebeeld en die daarop voorzien zijn van een nummer, geschiedt door vermelding van het nummer waarmee zij op die kaart voorkomen. Artikel 20, eerste lid, van de Kadasterwetis niet van toepassing voor zover het betreft het vermelden van de aard en de plaatselijke aanduiding zo deze er is, van onroerende zaken.
5. In de akte van toedeling worden tevens vermeld de hypotheken en de beslagen die door de inschrijving van de akte van toedeling niet meer blijven bestaan.
6. Het bepaalde in de artikelen 18, eerste en vijfde lid, en 24, tweede lid onder b, en vierde lid, tweede volzin, van de Kadasterwet, is van overeenkomstige toepassing op de akte van toedeling.