BWBR0002269
Geldig vanaf 1958-05-01
Artikel 96
Pachtwet
1. Indien de grondkamer een ontwerp-pachtovereenkomst of een ontwerp-overeenkomst tot wijziging van een pachtovereenkomst niet aanstonds kan goedkeuren, deelt zij aan de personen, die in de ontwerp-overeenkomst als partijen zijn genoemd, haar bezwaren mede en geeft zij aan of, en zo ja, op welke wijze deze kunnen worden opgeheven.
2. Het bepaalde in het tweede en derde lid van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
3. Indien de grondkamer de ontwerp-overeenkomst goedkeurt, wordt de goedkeuring niet op de ontwerp-akte gesteld, doch bij een afzonderlijke beschikking verleend.
4. Indien de grondkamer de ontwerp-overeenkomst niet kan goedkeuren en zij van oordeel is, dat haar bezwaren door wijziging van de ontwerp-overeenkomst kunnen worden opgeheven, vermeldt zij deze wijzigingen in haar beschikking.
2. Het bepaalde in het tweede en derde lid van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
3. Indien de grondkamer de ontwerp-overeenkomst goedkeurt, wordt de goedkeuring niet op de ontwerp-akte gesteld, doch bij een afzonderlijke beschikking verleend.
4. Indien de grondkamer de ontwerp-overeenkomst niet kan goedkeuren en zij van oordeel is, dat haar bezwaren door wijziging van de ontwerp-overeenkomst kunnen worden opgeheven, vermeldt zij deze wijzigingen in haar beschikking.