BWBR0002269
Geldig vanaf 1958-05-01
Artikel 64
Pachtwet
1. In geval de pachtovereenkomst niet wordt verlengd op grond van het beding, genoemd in artikel 62 onder <em>b</em>, heeft de pachter geen recht op schadeloosstelling.
2. In geval van beëindiging op grond van het beding, genoemd in artikel 62, onder <em>d</em>, heeft de pachter recht op schadeloosstelling over de tijd, welke hij bij niet-beëindiging ingevolge de pachtovereenkomst nog op het gepachte had kunnen blijven.
3. Bij gedeeltelijke beëindiging is de pachter bevoegd de pachtovereenkomst ook voor het overige te beëindigen. Hij geeft hiervan bij aangetekende brief kennis aan de verpachter binnen een maand na de beëindiging, bedoeld in artikel 62 onder d.
2. In geval van beëindiging op grond van het beding, genoemd in artikel 62, onder <em>d</em>, heeft de pachter recht op schadeloosstelling over de tijd, welke hij bij niet-beëindiging ingevolge de pachtovereenkomst nog op het gepachte had kunnen blijven.
3. Bij gedeeltelijke beëindiging is de pachter bevoegd de pachtovereenkomst ook voor het overige te beëindigen. Hij geeft hiervan bij aangetekende brief kennis aan de verpachter binnen een maand na de beëindiging, bedoeld in artikel 62 onder d.