BWBR0002269 Geldig vanaf 1958-05-01
Artikel 129
Pachtwet
De pachtkamers van de rechtbank behandelen en beslissen voorts vorderingen tot:
a. ontruiming van het gepachte door de pachter of de gewezen pachter;
b. opeising van het verpachte van de pachter of de gewezen pachter;
c. schadevergoeding of betaling van het bedrag, bedoeld in de artikelen 44, eerste en derde lid, en 51, derde lid;
d. terugvordering van teveel betaalde pacht;
e. vergoeding van schade wegens onrechtmatig gebruik van het gepachte, nadat de pachtovereenkomst is geëindigd.
a. ontruiming van het gepachte door de pachter of de gewezen pachter;
b. opeising van het verpachte van de pachter of de gewezen pachter;
c. schadevergoeding of betaling van het bedrag, bedoeld in de artikelen 44, eerste en derde lid, en 51, derde lid;
d. terugvordering van teveel betaalde pacht;
e. vergoeding van schade wegens onrechtmatig gebruik van het gepachte, nadat de pachtovereenkomst is geëindigd.
- Wet
- Pachtwet
- Citeren als
- Art. 129
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002269
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl