BWBR0002269
Geldig vanaf 1958-05-01
Artikel 70g
Pachtwet
1. Een overeenkomst als bedoeld in artikel 70 fgaat niet van rechtswege teniet door de dood van de verpachter of van de pachter.
2. Na de dood van de pachter zet onderscheidenlijk zetten diens echtgenoot of geregistreerde partner, een of meer van diens bloed- of aanverwanten in de rechte lijn, een of meer van diens pleegkinderen of iedere medepachter of onderpachter een pachtovereenkomst als bedoeld in artikel 70 fvoort, tenzij de verpachter na het overlijden van de pachter schriftelijk wordt medegedeeld dat daarvan wordt afgezien.
3. Een mededeling als bedoeld in het tweede lid geschiedt:
a. binnen één maand na het overlijden van de pachter voor zover het een overeenkomst als bedoeld in artikel 70f, eerste lid, betreft en
b. binnen 3 maanden na het overlijden van de pachter voor zover het een overeenkomst als bedoeld in artikel 70f, vijfde lid, betreft.
2. Na de dood van de pachter zet onderscheidenlijk zetten diens echtgenoot of geregistreerde partner, een of meer van diens bloed- of aanverwanten in de rechte lijn, een of meer van diens pleegkinderen of iedere medepachter of onderpachter een pachtovereenkomst als bedoeld in artikel 70 fvoort, tenzij de verpachter na het overlijden van de pachter schriftelijk wordt medegedeeld dat daarvan wordt afgezien.
3. Een mededeling als bedoeld in het tweede lid geschiedt:
a. binnen één maand na het overlijden van de pachter voor zover het een overeenkomst als bedoeld in artikel 70f, eerste lid, betreft en
b. binnen 3 maanden na het overlijden van de pachter voor zover het een overeenkomst als bedoeld in artikel 70f, vijfde lid, betreft.