BWBR0001903
Geldig vanaf 2020-01-01
Artikel 412
Wetboek van Strafvordering
1. Zo mogelijk binnen acht dagen nadat de stukken op de griffie zijn overgebracht, bepaalt de voorzitter op voordracht van de advocaat-generaal, de dag van de terechtzitting, behoudens in geval van toepassing van artikel 408a. De artikelen 258, tweede lid, tweede tot en met vierde volzin, en 258azijn van overeenkomstige toepassing.
2. De zaak wordt in hoger beroep ter terechtzitting aanhangig gemaakt door een oproeping of dagvaarding vanwege de advocaat-generaal aan de verdachte betekend, ten einde terecht te staan ter zake van een of meer van de feiten hem in eerste aanleg telastegelegd.
3. Ten aanzien van die dagvaarding is artikel 260van toepassing, behoudens dat daarbij de verdachte, in plaats van op de voorschriften van artikel 262, eerste lid, op die van artikel 414wordt opmerkzaam gemaakt.
4. Op de gronden in artikel 259vermeld, kunnen verschillende zaken gevoegd aanhangig worden gemaakt.
2. De zaak wordt in hoger beroep ter terechtzitting aanhangig gemaakt door een oproeping of dagvaarding vanwege de advocaat-generaal aan de verdachte betekend, ten einde terecht te staan ter zake van een of meer van de feiten hem in eerste aanleg telastegelegd.
3. Ten aanzien van die dagvaarding is artikel 260van toepassing, behoudens dat daarbij de verdachte, in plaats van op de voorschriften van artikel 262, eerste lid, op die van artikel 414wordt opmerkzaam gemaakt.
4. Op de gronden in artikel 259vermeld, kunnen verschillende zaken gevoegd aanhangig worden gemaakt.