BWBR0001903
Geldig vanaf 01-02-1998
Artikel 325 Sv
Wetboek van Strafvordering — artikel 325
Voor de sluiting van het onderzoek vraagt de voorzitter aan de verdachte die op de terechtzitting door een tolk is bijgestaan of hij bij de uitspraak die niet aanstonds wordt gedaan, aanwezig zal zijn. Indien de verdachte verklaart niet aanwezig te zullen zijn, blijft de oproeping van de tolk voor de uitspraak achterwege. Indien de verdachte verklaart wel aanwezig te zullen zijn, zegt de voorzitter de tolk de datum en het tijdstip van de uitspraak aan; de aanzegging geldt als oproeping.
- Citeren als
- Art. 325 Sv
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001903
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl