1. Een aanvrager kan bij de Minister een aanvraag om subsidie indienen door middel van een daartoe vastgesteld formulier dat beschikbaar is via de website van RVO.
2. Een aanvraag tot subsidieverlening bevat naast de in
artikel 10 van het Kaderbesluitgenoemde gegevens ten minste:
a. naam en adres van de deelnemers aan het samenwerkingsverband;
b. contactpersoon met contactgegevens van de deelnemers aan het samenwerkingsverband;
c. inschrijfnummer van de deelnemers aan het samenwerkingsverband bij de Kamer van Koophandel;
d. de code of codes verbonden aan de Standaard Bedrijfsindeling van het Centraal Bureau voor de Statistiek van de deelnemers aan het samenwerkingsverband die actief zijn in transport of logistiek;
e. onderbouwing waaruit blijkt dat het project uiterlijk 36 maanden na verlening kan worden afgerond;
f. hoogte van het bedrag van eventuele reeds aangevraagde of ontvangen subsidies van andere bestuursorganen.
3. In aanvulling op het tweede lid bevat de aanvraag voor de subsidiabele activiteit bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, onderdeel a, de volgende gegevens en bescheiden:
a. onderbouwing van de kosten van de investering in aanleg of opwaardering van een waterstoftankstation;
b. onderbouwing van de dagcapaciteit van het waterstoftankstation aan de hand van een offerte;
c. onderbouwing aan de hand van de uitgangspunten zoals opgenomen in bijlage 3 van: i. de huidige afname door emissievrije waterstofvoertuigen van de dagcapaciteit; en
ii. de afname door emissievrije waterstofvoertuigen van de dagcapaciteit na het uitvoeren van het project;
i. de huidige afname door emissievrije waterstofvoertuigen van de dagcapaciteit; en
ii. de afname door emissievrije waterstofvoertuigen van de dagcapaciteit na het uitvoeren van het project;
d. uit de onderbouwing bedoeld in onderdeel c blijkt dat het waterstoftankstation de basisafname behaalt, of na het uitvoeren van het project behaalt, waarbij minimaal de helft van deze afname bestaat uit afname door emissievrije zware waterstofvoertuigen;
e. Vervallen.
f. documenten waaruit blijkt dat de exploitant van het waterstoftankstation een huur- of koopovereenkomst heeft voor de grond waarop het waterstoftankstation is gelegen of komt te liggen;
g. een intentieverklaring dat het waterstoftankstation op de beoogde locatie past, afkomstig van de eigenaar van de grond bedoeld in onderdeel f;
h. een omgevingsvergunning, of aanvraag daarvoor, waaruit blijkt dat het waterstoftankstation: i. openbaar toegankelijk is, met een minimale dagcapaciteit van 500 kilogram, en voorzien is van ten minste twee onafhankelijk van elkaar werkende tankpunten, waaronder in elk geval een tankpunt van 350 bar en een tankpunt van 700 bar;
ii. toegankelijk is voor zwaar wegvervoer;
iii. vanuit twee rijrichtingen bereikbaar is;
i. openbaar toegankelijk is, met een minimale dagcapaciteit van 500 kilogram, en voorzien is van ten minste twee onafhankelijk van elkaar werkende tankpunten, waaronder in elk geval een tankpunt van 350 bar en een tankpunt van 700 bar;
ii. toegankelijk is voor zwaar wegvervoer;
iii. vanuit twee rijrichtingen bereikbaar is;
i. een technisch ontwerp waaruit blijkt dat het waterstoftankstation: i. beschikt over mogelijkheden waardoor de eindgebruiker elektronisch kan betalen via terminals en apparatuur voor betaaldiensten, waaronder ten minste een van de volgende: 1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
ii. voorzien is van prijsinformatie die beschikbaar is vóór het begin van een tankbeurt waarbij de in rekening gebrachte prijs redelijk, gemakkelijk en duidelijk vergelijkbaar, transparant en niet-discriminerend is.
i. beschikt over mogelijkheden waardoor de eindgebruiker elektronisch kan betalen via terminals en apparatuur voor betaaldiensten, waaronder ten minste een van de volgende: 1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
ii. voorzien is van prijsinformatie die beschikbaar is vóór het begin van een tankbeurt waarbij de in rekening gebrachte prijs redelijk, gemakkelijk en duidelijk vergelijkbaar, transparant en niet-discriminerend is.
4. Indien hij in aanmerking wil komen voor de extra punten bedoeld in artikel 2.1.8, vijfde lid, verstrekt de aanvrager in aanvulling op het tweede lid een garantie van oorsprong als bedoeld in artikel 19 van Richtlijn (EU) 2018/2001van het Europees Parlement en de Raad ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen, of toont hij op basis van Richtlijn (EU) 2018/2001aan dat sprake is van hernieuwbare waterstof van niet-biologische oorsprong.
5. Indien hij niet in aanmerking wil komen voor de extra punten bedoeld in artikel 2.1.8, vijfde lid, verstrekt de aanvrager in aanvulling op het derde lid een toezegging dat het waterstoftankstation uiterlijk op 31 december 2035 uitsluitend hernieuwbare waterstof zal leveren.
6. In aanvulling op het tweede lid bevat de aanvraag voor de subsidiabele activiteit bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, onderdeel b, de volgende gegevens en bescheiden:
a. merk, type en handelsbenaming van elk nieuw emissievrij waterstofvoertuig waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
b. kopie van de offerte, met inbegrip van de offerteprijs, voor de voorgenomen aanschaf van elk nieuw emissievrij waterstofvoertuig waaruit blijkt dat het voertuig kwalificeert als emissievrij licht of zwaar waterstofvoertuig;
c. een bewijs van minder dan zes maanden oud waaruit blijkt wat de prijs van het referentievoertuig is.
7. In aanvulling op het tweede lid bevat de aanvraag voor de subsidiabele activiteit bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, onderdeel c, de volgende gegevens en bescheiden:
a. merk, type en handelsbenaming van elk voertuig dat door retrofitting als emissievrij waterstofvoertuig kwalificeert;
b. kopie van de offerte, met inbegrip van de offerteprijs, voor de voorgenomen retrofitting, waaruit blijkt dat in het voertuig bedoeld in onderdeel a geen interne verbrandingsmotor achterblijft waardoor het voertuig niet kwalificeert als emissievrij licht of zwaar waterstofvoertuig.
8. Indien de aanvraag op grond van artikel 2.1.3, tweede lid, uitsluitend de subsidiabele activiteiten bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, onderdeel b of c, betreft, verstrekt de aanvrager in aanvulling op de gegevens bedoeld in het zesde of zevende lid de volgende gegevens en bescheiden:
a. een onderbouwing waaruit aan de hand van de uitgangspunten zoals opgenomen in bijlage 3 blijkt dat de exploitant van het waterstoftankstation de basisafname behaalt, of na het uitvoeren van het project behaalt, waarbij minimaal de helft van deze afname bestaat uit afname door emissievrije zware waterstofvoertuigen;
b. een omgevingsvergunning waaruit blijkt dat het waterstoftankstation: i. openbaar toegankelijk is, met een minimale dagcapaciteit van 500 kilogram, en voorzien is van ten minste twee onafhankelijk van elkaar werkende tankpunten, waaronder in elk geval een tankpunt 350 bar en van 700 bar;
ii. toegankelijk is voor zwaar wegvervoer;
iii. vanuit twee rijrichtingen bereikbaar is;
i. openbaar toegankelijk is, met een minimale dagcapaciteit van 500 kilogram, en voorzien is van ten minste twee onafhankelijk van elkaar werkende tankpunten, waaronder in elk geval een tankpunt 350 bar en van 700 bar;
ii. toegankelijk is voor zwaar wegvervoer;
iii. vanuit twee rijrichtingen bereikbaar is;
c. een technisch ontwerp waaruit blijkt dat het waterstoftankstation: i. beschikt over mogelijkheden waardoor de eindgebruiker elektronisch kan betalen via terminals en apparatuur voor betaaldiensten, waaronder ten minste een van de volgende: 1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
ii. voorzien is van prijsinformatie die beschikbaar is vóór het begin van een tankbeurt waarbij de in rekening gebrachte prijs redelijk, gemakkelijk en duidelijk vergelijkbaar, transparant en niet-discriminerend is.
i. beschikt over mogelijkheden waardoor de eindgebruiker elektronisch kan betalen via terminals en apparatuur voor betaaldiensten, waaronder ten minste een van de volgende: 1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
1° betaalkaartlezers;
2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen;
ii. voorzien is van prijsinformatie die beschikbaar is vóór het begin van een tankbeurt waarbij de in rekening gebrachte prijs redelijk, gemakkelijk en duidelijk vergelijkbaar, transparant en niet-discriminerend is.
9. Indien de aanvraag een emissievrij licht waterstofvoertuig van categorie M1 betreft, verstrekt de aanvrager in aanvulling op het zesde of zevende lid een kopie van de offerte waaruit blijkt dat:
a. het een voor rolstoelen toegankelijk voertuig betreft als bedoeld in artikel 86c van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
b. het voertuig over meer dan vier zitplaatsen als bedoeld in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen beschikt.
10. De Minister kan de aanvrager naar aanleiding van de aanvraag verzoeken documenten te overleggen met betrekking tot de investering.