BWBR0049842
Geldig vanaf 2025-01-28
Artikel 2.3.15
Tijdelijke subsidieregeling zero-emissie mobiliteit
1. In aanvulling op artikel 17 van het Kaderbesluitis de subsidieontvanger verplicht:
a. binnen 24 maanden na de subsidieverlening het project af te ronden en de laadinfrastructuur in gebruik te nemen;
b. gedurende ten minste 24 maanden na vaststelling van de subsidie de laadinfrastructuur in te zetten als private laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen die niet te allen tijde voor het publiek toegankelijk is.
2. In aanvulling op het eerste lid is de subsidieontvanger van een subsidie als bedoeld in artikel 2.3.3, vierde lid, verplicht gedurende ten minste 24 aaneengesloten maanden na vaststelling van de subsidie de stationaire batterij, zonder overdracht aan derden, in eigendom te hebben en deze in te zetten ten behoeve van de laadinfrastructuur bedoeld in het eerste lid.
a. binnen 24 maanden na de subsidieverlening het project af te ronden en de laadinfrastructuur in gebruik te nemen;
b. gedurende ten minste 24 maanden na vaststelling van de subsidie de laadinfrastructuur in te zetten als private laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen die niet te allen tijde voor het publiek toegankelijk is.
2. In aanvulling op het eerste lid is de subsidieontvanger van een subsidie als bedoeld in artikel 2.3.3, vierde lid, verplicht gedurende ten minste 24 aaneengesloten maanden na vaststelling van de subsidie de stationaire batterij, zonder overdracht aan derden, in eigendom te hebben en deze in te zetten ten behoeve van de laadinfrastructuur bedoeld in het eerste lid.