BWBR0020764
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 3:85
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Onverminderd de artikelen 3:76 tot en met 3:82 gelden voor de risicokwantificering van gekochte kortlopende handelsvorderingen de vereisten van dit artikel.
2. In de ramingen met betrekking tot gekochte kortlopende handelsvorderingen wordt rekening gehouden met alle relevante informatie waarover de financiële onderneming beschikt ten aanzien van de kwaliteit van de onderliggende vorderingen, met inbegrip van gegevens over soortgelijke pools welke afkomstig zijn van de verkoper, de kopende financiële onderneming of externe bronnen. De financiële onderneming toetst alle van de verkoper afkomstige gegevens waarvan zij gebruik maakt.
3. In het geval van gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit kan de financiële onderneming, in plaats van de PD, de EL per debiteurenklasse ramen op basis van gemiddelden over een lange periode van de jaarlijkse gerealiseerde wanbetalingsgraden.
4. Indien de financiële onderneming gemiddelde ramingen van PD’s en LGD’s voor gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit afleidt uit een EL-raming en een adequate PD- of LGD-raming, dan waarborgt zij dat de procedure voor de raming van de totale verliezen aan de in deze afdeling vastgelegde algemene normen voor de raming van de PD en de LGD voldoet, en spoort het resultaat met het in artikel 3:81, tweede lid vervatte concept van de LGD.
5. In afwijking van artikel 3:80, vierde lid, kan een financiële onderneming voor gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit gebruik maken van externe en interne referentiegegevens. De financiële onderneming gebruikt alle relevante gegevensbronnen als vergelijkingspunt.
6. Bij gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit kan een financiële onderneming van externe en interne referentiegegevens gebruik maken om de LGD’s te ramen.
7. Ten aanzien van de bepaling van het effect van garanties of kredietderivaten is artikel 3:83, vijfde, zesde en achtste lid, van overeenkomstige toepassing op gekochte kortlopende handelsvorderingen.
2. In de ramingen met betrekking tot gekochte kortlopende handelsvorderingen wordt rekening gehouden met alle relevante informatie waarover de financiële onderneming beschikt ten aanzien van de kwaliteit van de onderliggende vorderingen, met inbegrip van gegevens over soortgelijke pools welke afkomstig zijn van de verkoper, de kopende financiële onderneming of externe bronnen. De financiële onderneming toetst alle van de verkoper afkomstige gegevens waarvan zij gebruik maakt.
3. In het geval van gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit kan de financiële onderneming, in plaats van de PD, de EL per debiteurenklasse ramen op basis van gemiddelden over een lange periode van de jaarlijkse gerealiseerde wanbetalingsgraden.
4. Indien de financiële onderneming gemiddelde ramingen van PD’s en LGD’s voor gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit afleidt uit een EL-raming en een adequate PD- of LGD-raming, dan waarborgt zij dat de procedure voor de raming van de totale verliezen aan de in deze afdeling vastgelegde algemene normen voor de raming van de PD en de LGD voldoet, en spoort het resultaat met het in artikel 3:81, tweede lid vervatte concept van de LGD.
5. In afwijking van artikel 3:80, vierde lid, kan een financiële onderneming voor gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit gebruik maken van externe en interne referentiegegevens. De financiële onderneming gebruikt alle relevante gegevensbronnen als vergelijkingspunt.
6. Bij gekochte kortlopende handelsvorderingen die zijn ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit kan een financiële onderneming van externe en interne referentiegegevens gebruik maken om de LGD’s te ramen.
7. Ten aanzien van de bepaling van het effect van garanties of kredietderivaten is artikel 3:83, vijfde, zesde en achtste lid, van overeenkomstige toepassing op gekochte kortlopende handelsvorderingen.
- Citeren als
- Art. 3:85
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl