BWBR0018329
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 74
Wet financiële dienstverlening
1. Het bedrag van de boete wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de boete voor een afzonderlijke overtreding ten hoogste € 900 000 bedraagt.
2. De bijlagebepaalt bij elke daarin omschreven overtreding het bedrag van de deswege op te leggen boete.
3. De bijlagekan bij algemene maatregel van bestuur worden gewijzigd.
4. De toezichthouder kan het bedrag van de boete lager stellen dan in de bijlageis bepaald, indien het bedrag van de boete in een bepaald geval onevenredig hoog is.
5. Voor overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur op grond van de artikelen 26, tweede lid, 28, tweede lid, 31, tweede en vierde lid, 35, 38, 50, 53, tweede lidof 100wordt het bedrag van de boete bepaald op de wijze als voorzien in die algemene maatregel van bestuur. Het eerste tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing.
2. De bijlagebepaalt bij elke daarin omschreven overtreding het bedrag van de deswege op te leggen boete.
3. De bijlagekan bij algemene maatregel van bestuur worden gewijzigd.
4. De toezichthouder kan het bedrag van de boete lager stellen dan in de bijlageis bepaald, indien het bedrag van de boete in een bepaald geval onevenredig hoog is.
5. Voor overtreding van voorschriften, gesteld bij of krachtens een algemene maatregel van bestuur op grond van de artikelen 26, tweede lid, 28, tweede lid, 31, tweede en vierde lid, 35, 38, 50, 53, tweede lidof 100wordt het bedrag van de boete bepaald op de wijze als voorzien in die algemene maatregel van bestuur. Het eerste tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing.