BWBR0018329
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 22
Wet financiële dienstverlening
1. Het in artikel 10bedoelde verbod is, voor zover het de afwikkeling van overeenkomsten betreft, niet van toepassing op:
a. de voormalige vergunninghouder, onderscheidenlijk de voormalige aangesloten instelling, of de curator in het faillissement van de voormalige vergunninghouder, onderscheidenlijk de voormalige aangesloten instelling, vanaf het tijdstip waarop de vergunning is vervallen of ingetrokken, onderscheidenlijk de werking daarvan is vervallen;
b. de financiële dienstverlener, bedoeld in artikel 13, waarop dat artikel niet langer van toepassing is;
c. de financiële dienstverlener waaraan een verbod als bedoeld in artikel 21 is opgelegd.
2. De toezichthouder kan op een daartoe strekkend verzoek, met het oog op de voortzetting van het bedrijf van een bemiddelaar, indien dit verantwoord is in verband met de adequate functionering van de financiële markten en met de positie van de consument op die markten, ontheffing verlenen van het in artikel 10bedoelde verbod aan:
a. een der personen die met een overleden bemiddelaar tot het tijdstip van diens overlijden een duurzame gemeenschappelijke huishouding heeft gehad; of
b. een der niet tot de huishouding behorende kinderen van een overleden bemiddelaar.
3. De in het tweede lid bedoelde ontheffing kan met terugwerkende kracht worden verleend tot de datum van overlijden. De ontheffing geldt voor ten hoogste een jaar en kan ten hoogste tweemaal met een jaar worden verlengd.
4. Het eerste lid is niet van toepassing op de gevolmachtigde agent, indien de aanbieder ingeval van beëindiging van de volmacht gebruik maakt van het in artikel 61, tweede lid, bedoelde recht om op een andere wijze dan door belasting van de gevolmachtigde agent te voorzien in het beheer en de afwikkeling van de door de gevolmachtigde agent gevormde verzekeringsportefeuille.
5. De toezichthouder kan terzake van de afwikkeling van overeenkomsten en de voortzetting van een bedrijf door een financiële dienstverlener voorschriften geven met het oog op het adequaat functioneren van de financiële markten of de positie van de consument op die markten.
a. de voormalige vergunninghouder, onderscheidenlijk de voormalige aangesloten instelling, of de curator in het faillissement van de voormalige vergunninghouder, onderscheidenlijk de voormalige aangesloten instelling, vanaf het tijdstip waarop de vergunning is vervallen of ingetrokken, onderscheidenlijk de werking daarvan is vervallen;
b. de financiële dienstverlener, bedoeld in artikel 13, waarop dat artikel niet langer van toepassing is;
c. de financiële dienstverlener waaraan een verbod als bedoeld in artikel 21 is opgelegd.
2. De toezichthouder kan op een daartoe strekkend verzoek, met het oog op de voortzetting van het bedrijf van een bemiddelaar, indien dit verantwoord is in verband met de adequate functionering van de financiële markten en met de positie van de consument op die markten, ontheffing verlenen van het in artikel 10bedoelde verbod aan:
a. een der personen die met een overleden bemiddelaar tot het tijdstip van diens overlijden een duurzame gemeenschappelijke huishouding heeft gehad; of
b. een der niet tot de huishouding behorende kinderen van een overleden bemiddelaar.
3. De in het tweede lid bedoelde ontheffing kan met terugwerkende kracht worden verleend tot de datum van overlijden. De ontheffing geldt voor ten hoogste een jaar en kan ten hoogste tweemaal met een jaar worden verlengd.
4. Het eerste lid is niet van toepassing op de gevolmachtigde agent, indien de aanbieder ingeval van beëindiging van de volmacht gebruik maakt van het in artikel 61, tweede lid, bedoelde recht om op een andere wijze dan door belasting van de gevolmachtigde agent te voorzien in het beheer en de afwikkeling van de door de gevolmachtigde agent gevormde verzekeringsportefeuille.
5. De toezichthouder kan terzake van de afwikkeling van overeenkomsten en de voortzetting van een bedrijf door een financiële dienstverlener voorschriften geven met het oog op het adequaat functioneren van de financiële markten of de positie van de consument op die markten.