BWBR0009201
Geldig vanaf 1998-01-15
Artikel 59
Uitvoeringsregeling lozingenbesluit bodembescherming
1. Het aantal grondboringen moet ten minste zijn:
a. tot 25 lozingseenheden: 6 grondboringen;
b. van 25 tot 50 lozingseenheden: 8 grondboringen;
c. van 50 tot 100 lozingseenheden: 11 grondboringen;
d. van 100 tot en met 200 lozingseenheden: 15 grondboringen.
2. De grondboringen moeten ter plaatse van de aanleg van de infiltratievoorziening gelijkmatig verdeeld over het bodemoppervlak worden uitgevoerd.
a. tot 25 lozingseenheden: 6 grondboringen;
b. van 25 tot 50 lozingseenheden: 8 grondboringen;
c. van 50 tot 100 lozingseenheden: 11 grondboringen;
d. van 100 tot en met 200 lozingseenheden: 15 grondboringen.
2. De grondboringen moeten ter plaatse van de aanleg van de infiltratievoorziening gelijkmatig verdeeld over het bodemoppervlak worden uitgevoerd.