BWBR0020764
Geldig vanaf 20-12-2007
Artikel 3:53
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Een financiële onderneming stelt voor het verwateringsrisico van gekochte kortlopende handelsvorderingen op ondernemingen en op particulieren en kleine of middelgrote ondernemingen eigen ramingen op van EL. Afhankelijk van de in artikel 3:42, eerste lid, bedoelde behandeling kan deze raming op het individuele niveau van de gekochte kortlopende handelsvordering dan wel op geaggregeerd niveau van de pool worden opgesteld.
2. De PD voor het verwateringsrisico is gelijk aan de EL-raming voor het verwateringsrisico.
3. De LGD voor het verwateringsrisico is 0,75.
4. Indien de financiële onderneming de Geavanceerde IRB toepast, splitst zij, in afwijking van de vorige leden, haar EL-ramingen voor het verwateringsrisico van gekochte kortlopende handelsvorderingen op betrouwbare dan wel conservatieve wijze in PD’s en LGD’s.
5. De M voor het verwateringsrisico is gelijk aan 1 jaar.
6. De financiële onderneming kan bij de berekening van de PD niet-volgestorte kredietprotectie overeenkomstig de afdelingen 4.7 en 4.8 in aanmerking nemen.
2. De PD voor het verwateringsrisico is gelijk aan de EL-raming voor het verwateringsrisico.
3. De LGD voor het verwateringsrisico is 0,75.
4. Indien de financiële onderneming de Geavanceerde IRB toepast, splitst zij, in afwijking van de vorige leden, haar EL-ramingen voor het verwateringsrisico van gekochte kortlopende handelsvorderingen op betrouwbare dan wel conservatieve wijze in PD’s en LGD’s.
5. De M voor het verwateringsrisico is gelijk aan 1 jaar.
6. De financiële onderneming kan bij de berekening van de PD niet-volgestorte kredietprotectie overeenkomstig de afdelingen 4.7 en 4.8 in aanmerking nemen.
- Citeren als
- Art. 3:53
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl