BWBR0020764
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 3:48
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Een financiële onderneming die IRB toepast voor vorderingen ondergebracht in de categorie genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit stelt eigen LGD-ramingen op, met inachtneming van de minimumvereisten van Afdeling 3.6.
2. Niet-volgestorte kredietprotectie ter dekking van een individuele vordering of een pool van vorderingen kan in aanmerking worden genomen door de PD- of LGD-ramingen, met inachtneming van de minimumvereisten van artikel 3:83, aan te passen. De financiële onderneming kent aan gegarandeerde vorderingen geen zodanig aangepaste PD of LGD toe dat het aangepaste risicogewicht lager is dan dat van een vergelijkbare rechtstreekse vordering op de garantiegever.
3. Onverminderd het vorige lid, is voor de toepassing van artikel 3:24,eerste lid, laatste volzin, de LGD van een vergelijkbare rechtstreekse vordering op de protectiegever gelijk aan de LGD die samenhangt met ofwel een ongedekte faciliteit ten behoeve van de garantiegever, ofwel de ongedekte faciliteit van de debiteur, al naargelang uit beschikbaar bewijsmateriaal en de structuur van de garantie blijkt dat indien zowel de garantiegever als de debiteur tijdens de looptijd van de afgedekte transactie in gebreke blijft, het teruggevorderde bedrag afhankelijk zou zijn van de financiële situatie van respectievelijk de garantiegever of de debiteur.
2. Niet-volgestorte kredietprotectie ter dekking van een individuele vordering of een pool van vorderingen kan in aanmerking worden genomen door de PD- of LGD-ramingen, met inachtneming van de minimumvereisten van artikel 3:83, aan te passen. De financiële onderneming kent aan gegarandeerde vorderingen geen zodanig aangepaste PD of LGD toe dat het aangepaste risicogewicht lager is dan dat van een vergelijkbare rechtstreekse vordering op de garantiegever.
3. Onverminderd het vorige lid, is voor de toepassing van artikel 3:24,eerste lid, laatste volzin, de LGD van een vergelijkbare rechtstreekse vordering op de protectiegever gelijk aan de LGD die samenhangt met ofwel een ongedekte faciliteit ten behoeve van de garantiegever, ofwel de ongedekte faciliteit van de debiteur, al naargelang uit beschikbaar bewijsmateriaal en de structuur van de garantie blijkt dat indien zowel de garantiegever als de debiteur tijdens de looptijd van de afgedekte transactie in gebreke blijft, het teruggevorderde bedrag afhankelijk zou zijn van de financiële situatie van respectievelijk de garantiegever of de debiteur.
- Citeren als
- Art. 3:48
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl