BWBR0017751
Geldig vanaf 2014-11-15
Artikel 23
Uitvoeringsbesluit Wet op de jeugdzorg
1. De in het indicatiebesluit vast te leggen termijn gedurende welke de aanspraak geldt, bedraagt ten hoogste een jaar na de datum waarop de zorg waarin het indicatiebesluit voorziet, is aangevangen, tenzij het betreft:
a. verblijf bij een pleegouder van een jeugdige die al langer dan twee jaar bij eenzelfde pleegouder verblijft en voorzien wordt dat van terugkeer naar het gezin van herkomst geen sprake kan zijn;
b. een aanspraak op een vorm van zorg als bedoeld in artikel 5, tweede lid, onder b, van de wet in verband met een aandoening die maakt dat een jeugdige langer dan twee jaar is aangewezen op eenzelfde vorm van zorg en voorzien wordt dat de jeugdige op deze vorm van zorg aangewezen blijft.
2. De in het eerste lid bedoelde termijn is met betrekking tot rechtmatig in Nederland verblijvende minderjarige vreemdelingen wier verblijf tijdelijk is als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0011825/artikel/3.5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.5, tweede lid, aanhef en onder i, van het Vreemdelingenbesluit 2000</a>, ten hoogste een half jaar.
3. De in het eerste lid bedoelde termijn is met betrekking tot vreemdelingen, bedoeld in artikel 7, in overeenstemming met de verwachte duur van het verblijf in Nederland, en ten hoogste een half jaar.
a. verblijf bij een pleegouder van een jeugdige die al langer dan twee jaar bij eenzelfde pleegouder verblijft en voorzien wordt dat van terugkeer naar het gezin van herkomst geen sprake kan zijn;
b. een aanspraak op een vorm van zorg als bedoeld in artikel 5, tweede lid, onder b, van de wet in verband met een aandoening die maakt dat een jeugdige langer dan twee jaar is aangewezen op eenzelfde vorm van zorg en voorzien wordt dat de jeugdige op deze vorm van zorg aangewezen blijft.
2. De in het eerste lid bedoelde termijn is met betrekking tot rechtmatig in Nederland verblijvende minderjarige vreemdelingen wier verblijf tijdelijk is als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0011825/artikel/3.5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.5, tweede lid, aanhef en onder i, van het Vreemdelingenbesluit 2000</a>, ten hoogste een half jaar.
3. De in het eerste lid bedoelde termijn is met betrekking tot vreemdelingen, bedoeld in artikel 7, in overeenstemming met de verwachte duur van het verblijf in Nederland, en ten hoogste een half jaar.