BWBR0017751
Geldig vanaf 2014-11-15
Artikel 48
Uitvoeringsbesluit Wet op de jeugdzorg
1. Onverminderd de aan de raad voor de kinderbescherming toekomende taken en bevoegdheden, voldoet de jeugdreclassering aan verzoeken van de rechter en het openbaar ministerie om advies omtrent een jeugdige die wordt verdacht van een strafbaar feit of die op grond daarvan is veroordeeld.
2. De jeugdreclassering brengt voor zover het de uitvoering betreft van de taak, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0016637/artikel/10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10, eerste lid, onder c en d</a>, geregeld verslag uit aan het openbaar ministerie dat is belast met het toezicht op de naleving van de voorwaarden, over de wijze waarop de jeugdige zich houdt aan de voorwaarden door de rechter of het openbaar ministerie opgelegd.
3. Indien de jeugdige een opgelegde voorwaarde niet of niet geheel nakomt, meldt de jeugdreclassering dit onverwijld aan het openbaar ministerie.
4. De jeugdreclassering zendt de raad voor de kinderbescherming een afschrift van het verslag, bedoeld in het tweede lid en de melding, bedoeld in het derde lid.
2. De jeugdreclassering brengt voor zover het de uitvoering betreft van de taak, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0016637/artikel/10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10, eerste lid, onder c en d</a>, geregeld verslag uit aan het openbaar ministerie dat is belast met het toezicht op de naleving van de voorwaarden, over de wijze waarop de jeugdige zich houdt aan de voorwaarden door de rechter of het openbaar ministerie opgelegd.
3. Indien de jeugdige een opgelegde voorwaarde niet of niet geheel nakomt, meldt de jeugdreclassering dit onverwijld aan het openbaar ministerie.
4. De jeugdreclassering zendt de raad voor de kinderbescherming een afschrift van het verslag, bedoeld in het tweede lid en de melding, bedoeld in het derde lid.