BWBR0016637
Geldig vanaf 2014-03-01
Artikel 45
Wet op de jeugdzorg
1. De gegevens, bedoeld in de artikelen 42, 43en 44, kunnen persoonsgegevens zijn, voor zover deze gegevens noodzakelijk zijn voor:
a. het doelmatig en doeltreffend functioneren van de toegang tot de jeugdzorg, bedoeld in artikel 5, tweede lid;
b. het doelmatig en doeltreffend functioneren van de zorgaanbieders, van de aanbieders van andere zorg en van de raad voor de kinderbescherming;
c. de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het aanbod aan jeugdzorg als bedoeld in artikel 5, tweede lid.
2. Tot de persoonsgegevens kunnen gegevens behoren betreffende iemands etnische of culturele achtergrond of gezondheid, alsmede strafrechtelijke gegevens.
3. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden niet verwerkt voor andere doeleinden dan bedoeld in dat lid of een daarmee verenigbaar doel en worden verwerkt op een wijze die waarborgt dat zij zo min mogelijk tot een persoon herleidbaar zijn.
a. het doelmatig en doeltreffend functioneren van de toegang tot de jeugdzorg, bedoeld in artikel 5, tweede lid;
b. het doelmatig en doeltreffend functioneren van de zorgaanbieders, van de aanbieders van andere zorg en van de raad voor de kinderbescherming;
c. de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het aanbod aan jeugdzorg als bedoeld in artikel 5, tweede lid.
2. Tot de persoonsgegevens kunnen gegevens behoren betreffende iemands etnische of culturele achtergrond of gezondheid, alsmede strafrechtelijke gegevens.
3. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, worden niet verwerkt voor andere doeleinden dan bedoeld in dat lid of een daarmee verenigbaar doel en worden verwerkt op een wijze die waarborgt dat zij zo min mogelijk tot een persoon herleidbaar zijn.