BWBR0009581
Geldig vanaf 1998-05-08
Artikel 4.3
Regeling permanente eisen
De rechterbuitenspiegel van een personenauto of een bedrijfsauto bestemd voor het vervoer van goederen, die na 30 september 1988 in gebruik is genomen, met een toegestane maximum massa van niet meer dan 2000 kg, moet zodanig zijn geplaatst dat de bestuurder hiermee het gezichtsveld op grondniveau kan overzien, zoals weergegeven in figuur 3 of 4, waarbij de bestuurder:
een punt op het wegdek, gelegen op 20,00 m achter de oogpunten van de bestuurder en 4,00 m naast het meest rechts gelegen punt van de lading of aanhangwagen, en
een deel van de rechterzijde van de lading of aanhangwagen, en
de horizon kan zien, en hij tevens recht naar achteren kan kijken.
een punt op het wegdek, gelegen op 20,00 m achter de oogpunten van de bestuurder en 4,00 m naast het meest rechts gelegen punt van de lading of aanhangwagen, en
een deel van de rechterzijde van de lading of aanhangwagen, en
de horizon kan zien, en hij tevens recht naar achteren kan kijken.