BWBR0003558
Geldig vanaf 1983-01-01
Artikel 5
Regeling uitgiftevoorwaarden grondbankstelsel
1. De erfpachtcanon moet worden betaald in twee gelijke termijnen verschijnende op 1 mei en 1 november van het lopende kalenderjaar.
2. Alle betalingen vinden plaats door storting op de door de eigenaar daartoe schriftelijk aangewezen giro- of bankrekening.
3. Indien de betaling van een canontermijn niet binnen 14 dagen na de verschijndag heeft plaats gehad wordt het verschuldigde verhoogd met één ten honderd voor iedere maand of gedeelte van een maand verzuim, zonder dat hiertoe enige ingebrekestelling nodig is. Is de erfpachter 3 maanden na de verschijndag nog in gebreke dan wordt de hypotheekhouder hiervan binnen 14 dagen in kennis gesteld.
4. Alle andere bedragen, welke de erfpachter ingevolge de erfpachtovereenkomst verschuldigd is, moeten worden voldaan op dezelfde voorwaarden als de canon binnen 14 dagen nadat de erfpachter tot voldoening ervan is uitgenodigd. Blijft betaling na ommekomst van deze termijn uit, dan is de erfpachter zonder ingebrekestelling in verzuim en gehouden tot vergoeding van wettelijke rente.
5. De erfpachter is niet bevoegd hetgeen hij uit hoofde van de erfpacht is verschuldigd, te verrekenen met vorderingen die hij uit anderen hoofde op de eigenaar heeft.
6. De erfpachter is niet alleen met de erfpacht, doch ook met zijn overige vermogen aansprakelijk voor de voldoening van de canon en al hetgeen hij krachtens de erfpachtovereenkomst is verschuldigd.
2. Alle betalingen vinden plaats door storting op de door de eigenaar daartoe schriftelijk aangewezen giro- of bankrekening.
3. Indien de betaling van een canontermijn niet binnen 14 dagen na de verschijndag heeft plaats gehad wordt het verschuldigde verhoogd met één ten honderd voor iedere maand of gedeelte van een maand verzuim, zonder dat hiertoe enige ingebrekestelling nodig is. Is de erfpachter 3 maanden na de verschijndag nog in gebreke dan wordt de hypotheekhouder hiervan binnen 14 dagen in kennis gesteld.
4. Alle andere bedragen, welke de erfpachter ingevolge de erfpachtovereenkomst verschuldigd is, moeten worden voldaan op dezelfde voorwaarden als de canon binnen 14 dagen nadat de erfpachter tot voldoening ervan is uitgenodigd. Blijft betaling na ommekomst van deze termijn uit, dan is de erfpachter zonder ingebrekestelling in verzuim en gehouden tot vergoeding van wettelijke rente.
5. De erfpachter is niet bevoegd hetgeen hij uit hoofde van de erfpacht is verschuldigd, te verrekenen met vorderingen die hij uit anderen hoofde op de eigenaar heeft.
6. De erfpachter is niet alleen met de erfpacht, doch ook met zijn overige vermogen aansprakelijk voor de voldoening van de canon en al hetgeen hij krachtens de erfpachtovereenkomst is verschuldigd.