BWBR0003558
Geldig vanaf 1983-01-01
Artikel 14
Regeling uitgiftevoorwaarden grondbankstelsel
1. De eigenaar is bevoegd de erfpacht tussentijds met inachtneming van een termijn van 3 maanden door opzegging te doen eindigen voor het geheel of voor een zodanig gedeelte van de erfpachtzaak als het verkiest, indien de erfpachter in verzuim is de canon over 2 achtereenvolgende jaren te betalen of in ernstige mate tekortschiet in de nakoming van zijn andere verplichtingen.
2. De eigenaar zal de opzegging binnen 8 dagen betekenen aan hen die als beperkt gerechtigde of beslaglegger op de erfpacht in de openbare registers staan ingeschreven.
3. Indien de erfpacht eindigt door tussentijdse opzegging als bedoeld in het eerste lid, wordt de waarde die het recht bij het einde ervan heeft, aan de erfpachter vergoed.
4. De eigenaar is bevoegd op de door hem verschuldigde vergoeding in mindering te brengen hetgeen hij nog uit hoofde van de erfpacht van de erfpachter te vorderen heeft, daaronder begrepen de sinds het einde van de erfpacht niet aangezuiverde bedragen voor lasten en belastingen waarvoor de erfpachtzaak verbonden bleef, en de kosten. De vergoeding wordt niet uitgekeerd zolang de erfpachter niet schriftelijk heeft verklaard dat de erfpachtzaak met opstallen geheel ter vrije beschikking van de eigenaar staat.
2. De eigenaar zal de opzegging binnen 8 dagen betekenen aan hen die als beperkt gerechtigde of beslaglegger op de erfpacht in de openbare registers staan ingeschreven.
3. Indien de erfpacht eindigt door tussentijdse opzegging als bedoeld in het eerste lid, wordt de waarde die het recht bij het einde ervan heeft, aan de erfpachter vergoed.
4. De eigenaar is bevoegd op de door hem verschuldigde vergoeding in mindering te brengen hetgeen hij nog uit hoofde van de erfpacht van de erfpachter te vorderen heeft, daaronder begrepen de sinds het einde van de erfpacht niet aangezuiverde bedragen voor lasten en belastingen waarvoor de erfpachtzaak verbonden bleef, en de kosten. De vergoeding wordt niet uitgekeerd zolang de erfpachter niet schriftelijk heeft verklaard dat de erfpachtzaak met opstallen geheel ter vrije beschikking van de eigenaar staat.